Dit deprimerende, maar zeer informatieve boek brengt een groot aantal nieuwe gegevens inzake de holocaust, een onderwerp dat nochtans de laatste jaren een enorme oogst aan nieuwe studies omvat. Reeds in het voorwoord verklaart de auteur zeer terecht: "U zult weinig over de slachtoffers lezen. We richten ons vizier op de daders" (p.XV). Hoewel de auteur zich nauwelijks houdt aan de feiten kiest hij tussen de regels door hartstochtelijk voor de Joodse zaak. Zo wijst hij op het monotheïsme van het Jodendom en het nauwelijks verhulde polytheïsme van de eerste christenen (p.2). Dè hoofdstelling van het boek is dat de volkerenmoord op de Joden op een consequent bureaucratische manier verliep: stap voor stap, met nauwgezette ambtenaren, nauwkeurige definiëring van het begrip Jood (de auteur heeft het uitgebreid over de "Mischlinge" of Joden van een gemengd ouderpaar), en dit alles strikt volgens vooropgezette regels.
De bladzijden gewijd aan de Kristalnacht in november 1938, de eerste gewelddadige pogrom in Duitsland zelf onder het bewind van Hitler zijn bijzonder revelerend. "De ingeslagen ruiten vertegenwoordigden een verzekerde waarde van ongeveer 6 miljoen rijksmark. Zeker de helft hiervan moest worden vervangen ten koste van harde buitenlandse valuta aangezien het dure etalageglas in België werd vervaardigd. Bovendien waren de ruiten niet het eigendom van de Joodse winkeliers maar van de Duitse eigenaren van de winkelpanden" (p.44,45). Ian Kershaw ("Hitler.Vergelding") geeft bij dit verhaal nog bijkomende gegevens die we bij Hilberg niet terugvinden: "Ook leidende Nazis waren verontwaardigd over de materiële schade die was aangericht. Göring had het volk aangespoord lege tandpastatubes, roestige spijkers en ander afval te verzamelen, zo vertelde hij Hitler, en nu waren waardevolle eigendommen roekeloos vernield" (p.225, 226).
Merkwaardig is dat Hilberg het heeft over "de uitroeiing van vijf miljoen slachtoffers" (p.49), terwijl men het in de meeste studies steeds 6 miljoen slachtoffers aanhaalt. Historische fouten vinden we verder in het boek niet, tenzij deze: "Zowel het moderne ambtelijke apparaat als het moderne Duitse leger was in het midden van de zeventiende eeuw ontstaan" (p.55). Dit moet ongetwijfeld de 18de eeuw zijn, de tijd van de verlichte despoot Frederik II van Pruisen. Rond 1650 was Duitsland totaal aan de grond na de verwoestende dertigjarige oorlog. Fascinerend wordt beschreven hoe de bureaucraten Joodse bedrijven en Joods onroerend goed op een schijnbaar wettelijke manier in Duitse handen brachten. Blijkbaar kreeg de Joodse eigenaar toch nog een vergoeding, maar volgens Göring moest dit bedrag natuurlijk zo klein mogelijk zijn (p.137). Alleen bij Hilberg lazen we dergelijke uitermate interessante details. De Nazi's moesten ook toestaan dat de wereldbekende merknaam "Rosenthal" mocht blijven bestaan.
Naziwetten als "Joden mogen op het openbaar vervoer geen zitplaats innemen wanneer Duitsers moesten blijven staan" (p.187) brengen ons akelig dichtbij de rassenwetten in de VS en Zuid-Afrika tot diep in de 20ste eeuw. De Führer wilde evenmin dat Joden de naam Siegfried droegen (p.190). De collaboratie van de kerken in Duitsland, zowel de protestantse als de katholieke, was schrijnend - zo lezen we meermaals in het boek. "De Evangelisch-Lutherse Kerk verklaarde met een beroep op de leerstellingen van Maarten Luther dat christenen van Joodse afkomst geen rechten hadden binnen de Duits-Evangelische Kerk.
Veel aandacht gaat in het boek ook naar de Joodse Raden, in feite Joodse collaborateurs, die belast werden met het doorgeven van Duitse richtlijnen aan de Joodse bevolking. Er waren zelfs Joodse politiemannen die Duitse bevelen moesten uitvoeren (p.242,243). Ook in de getto's hadden de Joden hun eigen bureaucratie. De bekende Duitse held van de holocaust, Oscar Schindler, is de grote afwezige in dit boek (hij wordt niet één keer aangehaald). Nochtans wordt zijn verhaal duidelijk herhaald: "In de stad Tarnow maakte een trustee van twee bedrijven zijn verontwaardiging kenbaar tegenover de Stadtkommissar, nadat de Joodse Raad hem van zijn geschoolde vakarbeiders had beroofd om dwangarbeid te laten verrichten" (p.284). Ook Schindler probeerde Joodse geschoolde arbeiders tewerk te stellen en zo hun leven te redden.
Lang werd ons verteld dat alleen de SS en de Nazi's verantwoordelijk waren voor de holocaust, dat daarentegen de soldaten van de Wehrmacht uitsluitend hun plicht deden en vochten tegen de vijand, en zeker niet betrokken waren in de genocide. Jonah Goldhagen doorbrak dit taboe met zijn "Hitlers gewillige beulen" die aangaf dat de verantwoordelijkheid lag bij alle lagen in de toenmalige Duitse maatschappij. Ook de Wehrmacht nam deel aan de moordpartijen (onder meer het executeren van Joodse gijzelaars) (p.342) en het overal willekeurig oppakken van Joden (p.367). "Von Manstein, de bevelhebber van het Elfde leger, voegde er aan toe dat de Jood de bemiddelaar tussen het Rode Leger aan het front en de vijand in de rug van de Wehrmacht was" (p.373). Over Schindler wordt niet gepraat maar wel over iemand die op hem gelijkt, de naziveteraan Kube. Hij protesteerde tegen het doodschieten van 70 Joden.
"Kube stelde dat deze gang van zaken een Duitser en het Duitsland van Kant en Goethe onwaardig was. Het was onze schuld dat de reputatie van Duitsland voor het oog van de wereld te grabbel werd gegooid. Kube beklemtoonde dat de Joden kunstzin bezaten. Hij had verklaard dat hij van Offenbach en Mendelssohn hield. Toen Strauch liet blijken dat hij die passie niet met hem deelde, had Kube gezegd dat jeugdige Nazi's van dergelijke dingen geen verstand hadden" (p.452).
Het boek eindigt nogal abrupt en heeft, hoogst verwonderlijk, geen bibliografie of namenregister.
Wel vinden we op elke bladzijde een uitgebreid voetnotenapparaat.
We zien reikhalzend uit naar deel 2.
> Nederland kent vanaf 1 maart mobiel een euthanasieteam
> Opinie: Hulpverlening rond zelfdoding
> Levensbeschouwelijke vakken in evolutie
> Opinie: Onverdoofd slachten? Onverantwoord!
> Respect voor een waardig levenseinde: HVV steunt ULTeam
> Teken onze petitie "verfijning en uitbreiding v/d euthanasiewet"
> Andere kerkfinanciering: debat is eindelijk geopend