Home
Kritisch Lezen
 

De Nieuwe Wereld. De wonderjaren van de Belgische avant-garde (1918-1939)

Auteur:  An Paenhuysen
ISBN:  978 90 8542 2211
Uigeverij:  Meulenhoff/Manteau
Commentaar: 

In dit wetenschappelijke naslagwerk beschrijft An Paenhuysen in 384 pagina’s de toch wel erg boeiende geschiedenis van de Belgische avant-gardekunst, van Paul van Ostayen tot René Magritte. Het boek toont tevens zeldzaam fotomateriaal uit die tijd en haalt een hele reeks avant-gardisten uit deze periode uit de vergeethoek.  Kunstenaars zoals Jules Smhmalzigaug, Jozef Peeters, Paul-Gustave van Hecke, Paul Joostens, Ferdinand Demoustier, Marcel Lefrancq, Armand Simon, Achille Chavée of Louis van der Spiegele zijn vandaag bij het grote publiek niet meer bekend. Paenhuysen laat in haar werk wel meer persoonlijkheden herleven, teveel om hier op te noemen.
Het interessante is echter dat ze rond iedere kunstenaar die in het boek wordt vermeld allerlei interessante anekdotes en wetenswaardigheden weet aan te halen, zodat de lezer inzicht krijgt in de tijdsgeest en hoe de avant-garde omging met de nieuwe wereld en de nieuwe mens. 
De Eerste Wereldoorlog had de oude zekerheden immers vernietigd.  De snel oprukkende modernisering bracht industrialisering, verstedelijking en democratisering met zich mee en leidde uiteindelijk tot het ontstaan van een massacultuur, wat behoorlijk nieuw was voor de mens.  Lang voor er sprake was van een verenigd Europa vormden de avant-gardekunstenaars een Europees netwerk van verwantschap en open en amicaal plagiaat.  Want de avant-garde was veel meer dan een louter artistiek project.  Met haar kunst wilde zij een nieuwe wereld en een nieuwe mens vormgeven.  Een tegencultuur in feite die een eigen beweegruimte had en een specifieke levensstijl en lichaamstaal.  Ze rekende af met een burgerlijke cultuur en wilde bouwen aan de toekomst.  En zo ontwikkelde zich in de schaduw van Berlijn, Parijs en Londen ook in de Belgische periferie een avant-garde.

An Paenhuysen is meer dan goed geplaatst om een boek als dit te schrijven precies omdat deze gedoctoreerde historica met Berlijn verbonden is, maar evengoed met België: ze is geboren in Berlijn, studeerde hedendaagse geschiedenis aan de Universiteit van Leuven en werkt als historica en curator in Berlijn.  Ze doceert over visuele cultuur aan de Humbold-Universiteit en is als wetenschappelijk assistente verbonden aan de Hamburger Bahnhof – Museum für Gegenwart.  Vorig jaar was ze curator van de tentoonstelling ‘The Saints’ van de Amerikaanse mediakunstenaar Paul Pfeiffer in de Hamburger Bahnhof.  Momenteel werkt de auteur aan een volgend boek, een studie over stadsfotografie in het Berlijn van de jaren twintig.  In De Nieuwe Wereld verwijst Paenhuysen meermaals naar de onderschatte en miskende rol die het Berlijn van de jaren twintig speelde in de ontwikkeling van de avant-gardekunst, een korte periode weliswaar, die door de het opkomende nazisme tijdens de jaren dertig en de gevolgen daarvan, zeer weinig aandacht kreeg.  Er bestaat bijna geen behoorlijke literatuur over het Berlijn van toen en dat maakt het werk van An Paenhuysen belangrijk in de moderne geschiedschrijving en een geschikte bron voor toekomstige historici. 

Voor de kunstenaars die tussen twee wereldoorlogen actief waren stond Berlijn symbool voor alles wat kon mislopen in de wereld, want de euforie van vrede die na de wapenstilstand van 11 november 1918 ontstond, duurde slechts tot eind jaren twintig.  Toen hadden de Berlijnse kunstenaars de stad al verlaten – “die vreemde lieden begon aan te trekken welke onverdraagzaamheid en haat predikten” - zoals Jules Smhmalzigaug in zijn briefwisseling meldde.  Kunstenaars houden niet van oorlog en gingen zich daarom vestigen in ons land, Nederland of ze trokken naar Parijs.  In dit opzicht hebben de Berlijnse avant-gardisten ook de Belgische avant-garde mee beïnvloed.

Paenhuysen beschrijft via ondermeer de briefwisseling van de toenmalige kunstenaars de ontwikkeling van het kunstlandschap, dat zich trouwens niet alleen in de steden, maar ook op het platteland afspeelde.  De manier waarop ze dat doet is best fascinerend om lezen, al moet ik kandidaatlezers waarschuwen dat dit boek geen leesboek is, maar een naslagwerk dat moeilijk toegankelijk is voor de echte leek.  Het boek is gestaafd met verwijzingen naar biografieën, wetenschappelijke documenten, publicaties, essays en interviews met getuigen.  Wie er echter toch in slaagt het boek aandachtig uit te lezen heeft in ieder geval behoorlijk wat kennis opgedaan over een periode waarover best nog wat meer mag uitgegeven en gepubliceerd worden.
 
Na 1945 maakte de avant-garde plaats voor een neonavant-garde.  Enkel al de naam suggereert dat deze in het verlengde lag van de ‘historische avant-garde.  Oud-avant-gardisten zoals Chavée waren nog actief, maar de jongeren hadden het overgenomen.  Er was een duidelijke continuïteit met de vooroorlogse periode.  Zo waren ook dan de utopieën de wereld nog niet uit en werden er ook na 1945 revolutionaire plannen gesmeed.  Internationale neonavant-gardebewegingen zagen het licht. 
In 1948 richtten de Belgen Christian Dotremont en Joseph Noiret samen met de Deen Asger Jorn en de Nederlanders Karel Appel, Constant en Corneille, de Cobra-groep op.  En ook de anarchistische Situationistische Internationale had Belgische aanhangers.  Revolutie en internationalisme waren eveneens de ingrediënten geweest van het Belgische avant-gardeschap tijdens het interbellum.  In die zin heeft de avant-garde die na de eerste wereldbrand ontstond nog tot diep in de 20ste eeuw haar invloed doen gelden.  Deze conclusie trekt de auteur van De Nieuwe Wereld op het einde van haar boek.
Toch zijn niet alle verbindingslijnen tussen de Belgische avant-garde van voor en na 1945 blootgelegd omdat het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog het einde van een stad, van een tijd en van een idee betekende.  De studie over de interactie tussen de oude en de nieuwe avant-gardisten is wellicht stof voor eventueel een volgend boek. 

Het is in ieder geval duidelijk dat de De Nieuwe Wereld van An Paenhuysen een verrijking is voor geïnteresseerden in moderne geschiedenis.  Dit vraagt ongetwijfeld om meer.


Leo De Ley




 

Valide CSS!