Home
Kritisch Lezen
 

Geef me nu eindelijk wat ik altijd al had.

Auteur:  Herman de Coninck (gekozen en ingeleid door Kristien Hemmerechts)
ISBN:  9789029571722
Uigeverij:  Arbeiderspers
Commentaar: 
Herman de Coninck wordt de vader van het “nieuwe realisme” genoemd. (hierin voorafgegaan door Patricia Lasoen, die er dan wel de moeder zal van geweest zijn…) 
Het blijft inderdaad verbazen hoe hij met “gewone” woorden zeer treffend en pakkend dingen kan verwoorden en ons meeneemt in zijn zeer eigen en toch voor de meesten herkenbare wereld.

Hij is een mens met humor, een monkellach, gemakkelijk ontroerd, kwetsbaar, intelligent, met een eruditie die hem zo natuurlijk ligt als ademen.  Hij schrijft fijngevoelig, tastend met gemoed en denken, zeer bewust van de sterfelijkheid en het moeten leven met een bestaan zonder zin.  Intens levend, bescheiden, een mens die snakt naar menselijkheid, naar warmte, naar écht en innig contact, die lijdt onder de onmacht van de mens, geraakt wordt door domheid en onrecht, een romantisch mens, dikwijls melancholisch en weemoedig, een dromer van een betere wereld, de zachte profeet roepend in de woestijn, een mens van onze tijd.

Kristien Hemmerechts heeft uit het verzameld werk van Herman de Coninck (550-600 gedichten?) haar “top 209” uitgekozen (waarbij ze het bekendste gedicht over haarzelf er uit gelaten heeft) en de keuzebundel ingeleid met een voorwoordje.  Als je dan even ter vergelijking in zijn verzameld werk gaat kijken, merk je dat het inderdaad gewoon haar keuze is.  Zij vindt zo bijvoorbeeld dat hij teveel gedichten schreef over zee, sneeuw en flamingo’s.  Ze vindt dat hij teveel “zoals-gedichten” schreef. Je kan natuurlijk evenzeer betreuren dat er in haar keuze nog zoveel rijmgedichten staan (die volgens mij lijden aan spontaniteit, te wijten aan het keurslijf van het rijm) en toch nog heel wat minder boeiende natuurbeschrijvingen, terwijl het net de vergelijkingen zijn die een van de kwaliteiten vormen van de de Coninck-gedichten. (voor wie vergelijkingen een troost waren; “Zodra ik nog maar “zoals” hoor, wordt ik minder alleen.”)

In elk geval is het duidelijk dat Herman de Coninck zeer levend blijft in deze bundel.  En hoe zijn gedichten resoneren, aangrijpen, verrassen, deugd doen.

V De Raeymaeker



 

Valide CSS!