Home arrow Onze Media arrow Radio/ Tv arrow Wereld Sociaal Forum / Geestelijke gezondheidszorg in de gevangenis
Wereld Sociaal Forum / Geestelijke gezondheidszorg in de gevangenis

 

Uitz.: 21.01.08

Opn.: 17.01.08

Real.: Frank Stappaerts / Karel Van Dinter

Wereld Sociaal Forum / Geestelijke gezondheidszorg in de gevangenis

Beginindicatief --

Goedenavond luisteraar en welkom in HVW. Vandaag hebben we het over geestelijke gezondheidszorg in de gevangenis. Zo dadelijk heeft Karel Van Dinter er een gesprek over met Tina Demeersman. Maar we starten met het Wereld Sociaal Forum (WSF). Nu zaterdag 26 januari is er, onder meer in Brussel, een internatonale actiedag. Eric Goeman is daar nauw bij betrokken. Hij is woordvoerder van Attac-Vlaanderen en actief binnen het Belgisch Sociaal Forum (BSF). Maar wat voor een organisatie is Attac? Eric Goeman:

Attac is nog altijd een mondiale sociale beweging, ontstaan eind jaren 90, na de Zuidoost-Aziatische crisis waarin wij in onze analyse belang hechtten aan de speculatie op de financiële markten en waarin wij ook betoogden dat het financiële kapitalisme dominant geworden was boven het productiekapitalisme, met alle gevolgen van dien, en dat zien we vandaag ook weer in de beurscrisissen enzovoort. Wij hebben altijd zeer veel belang gehecht aan herverdeling van rijk naar arm, mondiaal, en dus met de nadruk op fiscale herverdeling. Daardoor was een van onze speerpunten de Tobintax, waarvoor wij nog altijd Europees proberen te strijden. In België is er al een wet gestemd. Maar ook de strijd tegen belastingparadijzen, de strijd voor vermogensbelasting, dat kapitaal meer belast wordt dan arbeid enzovoort. Dus fiscaliteit is een van onze grote thema’s naast privatiseringen en liberalisering, de echte thema’s van het economisch liberalisme.

Zaterdag 26 januari is het de internationale actiedag van het WSF, met andere woorden dit jaar is er geen grote internationale bijeenkomst zoals vorige jaren. Waarom?

Het WSF heeft zich zes à zeven jaar geleden ontwikkeld uit een reactie op het Wereld Economisch Forum (WEF), dat elk jaar eind januari plaatsvindt in Davos. In het begin van de andersglobaliseringsbeweging (1999-2000) probeerden we in Davos betogingen en meetings te organiseren. Dat was zeer lastig vanwege de moeilijke ligging van Davos en ook infrastructureel zeer moeilijk om daar aan zalen te geraken waar je grote mensenmassa’s naartoe kunt krijgen, ... Dus uiteindelijk heeft men dan in de mondiale beweging tegen elkaar gezegd: laten we een alternatief creëren voor het WEF, namelijk een WSF waar we het met elkaar over onze doelen hebben, over onze plannen voor de toekomst én over de alternatieven. Niet alleen over waar we tegen zijn, maar over waar we voor zijn. Dat is ontstaan onder andere door Attac-Frankrijk dat daar de grote drijvende kracht in geweest is, en in Porte Alegre in Brazilië. Waarom Porte Alegre? Omdat Porte Alegre voor iets staat: daar was namelijk het eerst de arbeiderspartij aan de macht en heeft men een wijkparticipatie ingevoerd, waar we natuurlijk voorstander van zijn. Een bepaald budget van het bedrag van de stad, Porte Alegre, wordt vastgezet voor de bevolking in de wijken en die beslist participatief, op een democratische manier, wat ze met bijvoorbeeld 40% van het stedelijk budget zal doen. Gaan we daar een nieuwe school mee maken, gaan we daar een park mee maken, ...? Daardoor leer je mensen ook omgaan met democratie, want het is makkelijk om te zeggen dat we voor democratie zijn, maar democratie is natuurlijk ook een oefening om met meerderheden en minderheden te leren omgaan en dus om zelf voor de problemen gesteld te worden. Ik heb maar dit budget, ik kan daar niet alles mee doen, ik moet daar bepaalde prioriteiten mee stellen. Daarvoor was dat een belangrijk experiment en heeft men Porte Alegre als een soort proeftuin gekozen, ook voor het WSF. Dus honderden sociale bewegingen kwamen daar samen en dat is zo gebleven, alleen natuurlijk door de ontwikkeling van Azië en ook in Afrika kun je niet blijven volhouden dat je het WSF alleen in Latijns-Amerika doet. Daardoor is het twee jaar geleden ook uitgezwermd naar Mumbay in India, en verleden jaar naar Nairobi in Afrika. Maar in Nairobi werd nu beslist om het dit jaar niet in één bepaald werelddeel of streek te doen, maar een WSF gedecentraliseerd te organiseren, namelijk dat in alle hoofdsteden van de wereld op dezelfde dag en op dezelfde uren acties, vooral acties, iets visueels, iets voor het grote publiek, georganiseerd zou worden. En dat is dus wat wij nu zullen proberen.

Je hebt het nu over het WSF, maar er bestaat ook een Belgisch Sociaal Forum (BSF). Wat is de plaats daarvan?

Het BSF heeft zelfs een redelijk unieke plaats in de sociale fora, namelijk tijdens het eerste Europees Sociaal Forum (ESF) in Florence, zes jaar geleden, was er een oproep om in alle landen sociale fora te starten. En met sociale fora bedoelen we dan ontmoetingsplaatsen, ontmoetingsruimten creëren waarbij allerlei sociale bewegingen met elkaar in contact kunnen komen, met elkaar acties kunnen opzetten en zo elkaar kunnen beïnvloeden om gezamenlijk rond bepaalde thema’s beter actie te kunnen voeren. Uiteindelijk is dat in geen enkel land gebeurd behalve in België. Dus in België zijn de vakbonden, de ngo’s en de sociale bewegingen zoals Attac rond één tafel gaan zitten en hebben een BSF opgericht, hetgeen betekent geen BSF dat één activiteit per jaar doet, maar een BSF dat permanent om de drie weken vergadert, algemene vergaderingen heeft, een soort verbindingscomité waaraan mensen kunnen deelnemen enzovoort. Dat leidt ertoe dat we in België een unieke samenwerking hebben tussen de grote vakbonden, tussen heel grote ngo’s zoals 11.11.11, Oxfam Solidariteit enzovoort, en kleinere sociale bewegingen zoals Attac, vzw Vrede enzovoort. Dat is uniek. Dat is niet altijd gemakkelijk, want wij hebben allemaal natuurlijk verschillende organisatieculturen. Er is een groot verschil tussen de vakbonden die grote structuren hebben, en kleine structuren zoals Attac. Maar toch, met vallen en opstaan leren we elke dag van elkaar en proberen we zo veel mogelijk samen te werken. Dat is volgens mij het succes van het BSF. Te weinig bekend bij het grote publiek natuurlijk, maar misschien dat na 26 januari daar een beetje verandering in komt.

In België worden de acties op 26 januari geconcentreerd in Brussel. Wat staat er zoal op het programma?

We hebben sowieso Brussel gekozen, het is een Europese stad, het is de stad niet alleen van de twee landstalen, maar van verschillende talen. Het is de meest multiculturele stad enzovoort. Dus Brussel lag voor de hand. En we hebben niet gekozen voor een schema, wat meestal op zulke dagen gebeurt, dat is namelijk 27 debatten in 32 zalen enzovoort, 200 infostands. We hebben gekozen om iets breder te gaan om aantrekkelijker te zijn voor een groter publiek. We hebben gekozen voor een wandeling, die we een wereldreis in het hart van Brussel gedoopt hebben, een soort van ontdekkingstocht langs verschillende thema’s verbonden via verschillende pleinen en gebouwen in de stad Brussel. En via professionele begeleiders van Brussel Binnenste Buiten, dus wandelgidsen die professioneel zijn, kunnen mensen aan een wandeling deelnemen. Die wandeling verbindt verschillende strijdthema’s met elkaar. Dus thema’s als vrede, gezondheid, recht op wonen, milieu, waardig werk, voedselsoevereiniteit, fiscale rechtvaardigheid, vrijheid van meningsuiting, immigratie, water en openbare diensten. Die wandeling is gratis. Mensen moeten zich wel inschrijven via de website en kunnen ook de taal kiezen omdat er natuurlijk Franstalige en Nederlandstalige activiteiten zullen zijn. Het is ook belangrijk om op te geven aan welke wandelgidstocht je kunt deelnemen. Maar dat is dus vanaf de middag op 26 januari. Daarna is er nog een slotdebat en een feest. Er zijn ook voor kinderen allerlei activiteiten ontwikkeld om ervoor te zorgen dat er ook voor hen iets is, zodat ze zelf ook iets kunnen doen ondertussen. En dat gebeurt allemaal in de Sint-Gorikshallen in het centrum van Brussel.

Tot zover nog Eric Goeman over de internationale actiedag van het WSF, nu zaterdag in Brussel. Bijkomende informatie over, maar ook inschrijven voor de wandelingen, én ook alle teksten die in de loop van het jaar geproduceerd zijn door de verschillende organisaties, vind je op www.wsf.be. Zo dadelijk hebben we het over geestelijke gezondheidszorg in de gevangenis, maar eerst muziek:

MUZIEK

“San Quentin” van Johnny Cash. En dat brengt ons tot de volgende bijdrage: geestelijke gezondheidszorg in de gevangenis. Want, Karel, daar schort iets aan.

Dat klopt, Frank. In onze gevangenissen zitten zowat 10.000 gedetineerden. Volgens de Vlaamse Gezondheidsraad heeft 10 tot 20% daarvan ernstige psychische problemen. Soms hangen die samen met het gepleegde misdrijf, maar de gevangenis zorgt ook voor bijkomend psychisch lijden: angst, vervreemding, depressies enz. Die stellen een probleem van begeleiding voor de betrokkene zelf, maar ook voor de terugkeer van die gedetineerde naar de samenleving daarna. De Vlaamse overheid ondersteunt de geestelijke gezondheidszorg aan gedetineerden en die kunnen daarvoor een beroep doen op justitiële welzijnswerkers, maar die zijn er te weinig en met te weinig middelen. Daardoor blijft een gepaste zorg vaak uit, met alle gevolgen van dien. Daarom trok Steunpunt Algemeen Welzijnswerk aan de alarmbel en diende een verzoekschrift in bij het Vlaamse Parlement. En dat wordt in principe op dit moment behandeld. Ik praatte erover met Tina Demeersman van Steunpunt Algemeen Welzijnswerk. Maar, stelt zij al meteen, over hulp aan gedetineerden bestaan nogal wat vooroordelen: wie in de gevangenis belandt, hoor je weleens zeggen, kreeg zijn verdiende loon en verdient geen hulp. Maar, zegt Tina Demeersman, welzijnswerk voor gedetineerden heeft wel degelijk zin. Zowel voor de gedetineerde als voor de samenleving.

Voor veel mensen is die gevangeniswereld ver-van-hun-bedshow, hé. En als ze het over gevangenissen hebben, gaat het tegenwoordig vooral over kwantiteit, dus over cellen bijbouwen, maar weinig over de kwaliteit en wat we eigenlijk met die mensen in de gevangenissen willen doen. En wat mensen daarbij dreigen te vergeten, is dat iedereen of toch het grootste deel van de gedetineerden vroeg of laat vrijkomt en dat we uiteraard willen dat zij op een betere manier vrijkomen. En in die zin vinden wij net de invulling en de kwaliteit van de gevangenisstraf, zinvol met hen bezig-zijn, heel belangrijk.

Zinvol met hen bezig-zijn veronderstelt heel wat activiteiten uiteraard. Misschien dat we daar straks ook nog wel een en ander over kunnen zeggen. Maar toch eventjes teruggrijpen naar die noodzaak aan begeleiding van gedetineerden, want die is gericht op verschillende doelen zou ik zeggen.

We merken dat heel veel mensen die in de gevangenis zitten, vaak problemen hebben op heel veel verschillende terreinen en dan komt het erop aan om terwijl ze vastzitten met hen te bekijken waar de belangrijkste vragen zich situeren. En dat kan zijn dat mensen psychische problemen hebben waar ze al langer mee worstelen, maar het kan ook zijn dat mensen niet aan de bak geraken, geen job vinden, dat er relationele, familiale problemen zijn. En als we willen dat mensen opnieuw een goede start kunnen maken zodra ze vrijkomen, is het belangrijk om die problemen aan te pakken.

Kunt u zo een keer opsommen welke problemen ze bijvoorbeeld kunnen hebben en waarbij u kunt begeleiden?

Nu, dat zijn problemen op heel veel verschillende vlakken. Zo zijn er erg veel gedetineerden die met heel veel financiële problemen binnenkomen, en als ze die nog niet hadden, dan krijgen ze die wel. Terwijl ze in de gevangenis zitten, hé … Want mensen verliezen hun werk, verliezen hun inkomen, schulden stapelen zich op. Mensen dreigen ook heel vaak hun huis te verliezen, vooral als zij alleenstaand zijn. Ja, stel je maar voor: je komt buiten en plots ben je ook thuisloos. Heel vaak hebben mensen relationele problemen, raken ze sociaal geïsoleerd doordat contacten met familie hun gevangenisstraf niet overleven. Het stigma gedetineerd-zijn, natuurlijk. Probeer maar eens een job te vinden als je een gat op je cv van een aantal jaren moet verklaren. Dus eigenlijk op heel veel verschillende vlakken.

Men wijst er nogal dikwijls op, om het maar een beetje als een soort van indicatie aan te geven, dat het aantal zelfmoorden en zelfmoordpogingen in de gevangenis veel hoger ligt.

Tja, het aandeel zelfmoorden en zelfmoordpogingen in de gevangenis ligt relatief gezien inderdaad hoger dan in de vrije samenleving. En ik denk dat dat inderdaad een symptoom is van die totaalervaring waarmee mensen in de gevangenis geconfronteerd worden. Elke vorm van controle en zelf beslissingen nemen wordt mensen ontnomen en zij worden eigenlijk volledig afhankelijk van dat systeem, die gevangenis.

Nu hebt u het eigenlijk over de nood aan individuele begeleiding van de gedetineerde zelf. Die heeft daar zelf belang bij, maar je zou ook kunnen zeggen dat de maatschappij toch ook wel belang heeft bij dat welzijnswerk, dacht ik, hé. Het is toch ook wel goed voor de maatschappij dat het welzijnswerk en het begeleidingswerk daar is?

Absoluut. Ik denk dat we onvoldoende zien dat de feiten die men pleegt, dat criminaliteit heel vaak samenhangt met welzijnsproblemen en psychosociale problemen waar mensen mee worstelen. Als je dan het criminaliteitsprobleem echt in de kern wilt aanpakken, moet je iets doen aan de problemen die daarachter zitten. En dat kunnen sociale problemen zijn, relationele problemen, ernstige financiële problemen, maar ook heel vaak een psychische problematiek waar mensen mee worstelen.

Er zouden ongeveer 10.000 mensen in de gevangenis zitten. Is er daar genoeg omkadering voor voorzien? En zijn er ook genoeg financiële middelen om dat te realiseren? Want er komen wel regelmatig klachten vanuit de gevangenis zelf dat dat niet zo is.

Dat is inderdaad een pijnpunt. Ik denk dat de realiteit vandaag is dat vooral gedetineerden die zelf een hulpvraag stellen, de weg naar de hulpverlening vinden, maar dat vaak diegenen die het het meest nodig hebben, die stap niet zetten en dat zij wat door de mazen van het net glippen, bij manier van spreken.

Er zijn twee categorieën van gevangenen die begeleiding zouden kunnen krijgen. Je hebt, dacht ik, de gedetineerden die dat op vrijwillige basis doen, die dat zelf vragen, maar je hebt er ook die, om in aanmerking te komen voor vrijlating, voor vervroegde vrijlating enz., justitieel verplicht worden om dat te doen. Krijgen die ook de hulp die ze vragen?

Wel, daar zitten we met een probleem. We merken dat inderdaad 1/5 van alle gedetineerden ernstige psychische problemen heeft. Dat voor velen onder hen justitie een vorm van begeleiding of behandeling oplegt, dus het als een voorwaarde voor hen stelt om vrij te kunnen komen, maar als die mensen dan op zoek gaan naar een gepaste begeleiding of willen dat er een behandeling wordt opgestart in de gevangenis, maar vooral wordt voortgezet wanneer zij vrij zijn, dan staan zij eigenlijk voor een gesloten deur omdat de geestelijke gezondheidszorg op dat vlak met een ernstig capaciteitsprobleem worstelt.

Het is niet alleen een kwestie van geld?

Het is een kwestie van middelen en mankracht met voldoende expertise, maar het is toch vooral een budgettair probleem, denk ik. Er zijn in het verleden een aantal plannen opgemaakt om bv. gespecialiseerde equipes in elk gerechtelijk arrondissement te installeren, maar die voorstellen hebben nooit begrotingsbesprekingen gehaald.

U hebt het over financiële middelen, u hebt het ook over expertise. Welke expertise moet iemand hebben om daadwerkelijk te kunnen werken met gedetineerden die hulp vragen?

Het grootste deel van de vragen van gedetineerden omtrent geestelijke gezondheidszorg zitten op het terrein van agressieregulatie, ook heel vaak gecombineerd met alcohol- en drugproblematiek. Dus ik denk dat de expertise van maatschappelijk assistent, psycholoog of psychiater in die richting ontwikkeld en ingezet moet worden.

Wat verwacht u dan van de overheid? Want het is uiteindelijk de overheid die middelen moet aanreiken om dat allemaal te realiseren.

Wij hebben dit thema op de agenda van het Vlaamse Parlement gezet en wij hopen dat er daar ook een bespreking ten gronde van dat thema gebeurt. En een bespreking die uiteraard leidt tot actie, tot initiatief en tot het installeren, het inzetten van mankracht en middelen om de forensische geestelijke gezondheidszorg uit te bouwen in Vlaanderen.

Mocht u nu een prioriteitenlijstje kunnen voorleggen aan die overheid, vanuit Steunpunt Algemeen Welzijnswerk, want daar hebben we het nu over, hoe zou dat lijstje er dan uitzien?

Dat zou een uitgebreid lijstje kunnen worden. Ik denk dat er zeer veel noden zijn, maar in het verlengde van het thema waar we het over hebben, hoop ik dat de stap gezet wordt om verbonden aan elke gevangenis gespecialiseerde equipes in het leven te geroepen binnen de geestelijke gezondheidszorg. Ik denk niet dat dat een aparte sector moet worden, die voldoende bemand is om vragen van justitiecliënten op te vangen. Ik denk dat dat een prioriteit is.

Uw vraag wordt momenteel of zal weldra behandeld worden, de politieke wereld moet daarover beslissen, uiteraard. De politieke wereld zit op dit ogenblik een beetje klem, om het een beetje voorzichtig te zeggen. Welke kansen maakt uw roep om gehoord te worden?

Ik kan het moeilijk inschatten, hé, ik weet het niet, maar ik hoop dat er de stappen gezet worden om, zij het experimenteel, in pilootregio’s nog deze legislatuur met iets van start te gaan. Maar het is, ik weet het niet, een poging van ons natuurlijk om dit hoger op de agenda te plaatsen.

Hebt u er een beeld van hoe de verschillende politieke families daarop reageren?

Naar mijn aanvoelen zien en herkennen de democratische partijen dit probleem, maar dat betekent natuurlijk niet dat men daarbij ook bij het verdelen van de centen prioriteit wil leggen. Gedetineerden zijn geen populaire groep om geld in te steken. Er zijn in het verleden al inspanningen gebeurd op andere terreinen. Ik denk bv. onderwijs in de gevangenissen waar stappen gezet worden, de VDAB die ook meer aanwezig is. Maar net op dit belangrijke terrein van geestelijke gezondheidszorg, begeleiding en behandeling blijft men achterwege.

Dus, de overheid zou er nog meer van overtuigd moeten worden dat men op dit domein toch wel inspanningen moet doen om een en ander te realiseren?

Absoluut!

Meer middelen voor de geestelijke gezondheidszorg voor gevangenen. Een vraag van Steunpunt Algemeen Welzijnswerk. Dat was nog woordvoerster Tina Demeersman, stafmedewerker Justitieel Welzijnswerk. Met uw vragen en reacties kunt u terecht op hun website: www.justitieelwelzijnswerk.be. En, Frank, toch even vermelden dat er ook nog de Stichting voor Morele Bijstand aan Gevangenen is die op een niet-confessionele basis morele bijstand verleent. Die is te bereiken via www.stigma.be.

Daarmee zijn we aan het eind van HVW. Samenstelling en presentatie waren van KVD en FS. De tekst van dit programma kun je bestellen bij de Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging, Lange Leemstraat 57, 2018 Antwerpen, tel.: 03 233 70 32. En over enkele dagen vind je de tekst ook op www.h-vv.be. Volgende week zijn we er weer en dan hebben we het met Jacques Rifflet over zijn magistrale boek “Gewijde werelden”. Dit was het wat ons betreft, nog een goede avond en graag tot volgende week!

Muziek:
10” High Heels – Sakamoto Sakamoto 262975
3’ San Quentin – J.Cash J.Cash CBS450466-2

 

Valide CSS!