| Ricardo Petrella - Mohammed Wie |
|
HVW - HVR Uitz.: 17.01.11 Opn.: 13.01.11 Real.: FS/KVD Riccardo Petrella /Mohammed Wie? Beginwijs Goedenavond luisteraar en welkom in HVW. Straks hoort u een gesprek over Mohammed met Jan Van Reeth van de faculteit voor Vergelijkende Gods-dienstwetenschappen, maar starten doen we met Riccardo Petrella. Petrella stond mee aan de wieg van de Groep van Lissabon, een mondiale denk- en actiegroep die het rapport "Grenzen aan de concurrentie" uitbracht. Hij strijdt al een half leven tegen de privatisering van water, schreef verschillende boeken en is oprichter van de Universiteit voor het Algemeen Belang. In zijn laatste boek "Pour une nouvelle narration du monde", vertaald als "Een nieuw verhaal van de wereld", schrijft hij dat niemand kan leven buiten de context van een verhaal. En vandaag is het dominerende verhaal, zoals hij het noemt, de universele theologie van het kapitalisme. Wat zijn daarvan de belangrijkste eigenschappen? Riccardo Petrella: « La définition de ce qui a de la valeur dans nos sociétés … l'élément régulateur de vivre ensemble. » "Hoe geeft men waarde aan de dingen, aan de emoties, situaties en ideeën? Volgens de universele theologie van het kapitalisme heeft alles waarde wat bijdraagt aan de creatie van rijkdom voor het privékapitaal. Dat wat er niet toe bijdraagt, heeft geen waarde. De tweede karakteristiek pretendeert dat het enige subject dat in staat is om die rijkdom te creëren de onderneming is. Er speelt dus een enorm geloof in de privéonderneming. Het belang van de staat moet verminderd worden, vakbonden zijn slechts vervelend en scheppen tweedracht. En hetzelfde geldt voor kerken en liefdadigheidsinstellingen. Verder, en dat is dan de derde karakteristiek, is er de overtuiging dat het enige mechanisme dat die bedoelde rijkdom kan scheppen de markt is. Buiten de markt is er niets! De markt is het regulerende element van het samenleven." En bovendien, schrijft Petrella, denkt men dat er geen alternatief is, meer zelfs, dat er geen alternatief mogelijk is. Het fameuze TINA: There Is No Alternative! « Tout à fait, ça … à une autre vision du monde. » "Dat is inderdaad de maximale pretentie van die universele theologie van het kapitalisme, dat er geen alternatief is voor de markt, voor de onderneming of de persoonlijke rijkdom. De staat, de moraal, het milieu, zijn allemaal afhankelijk van het gegeven rijkdom creëren voor het kapitaal door middel van de onderneming, en dat binnen een omgeving van strijd binnen de markt. Ik daarentegen beweer dat er niet enkel een alternatief is, maar dat een alternatief bovendien nodig en dringend is. We moeten dringend denken over een ander verhaal over de wereld, over een andere visie op de wereld." Het is dus noodzakelijk om kritieken te formuleren op dat dominante verhaal, maar, schrijft u ook, kritiek volstaat niet. We moeten ook een ander verhaal vertellen, het verhaal van de mensheid. Maar eerst een vraag over de strategie. Hoe kunnen we uit dat dominante verhaal stappen om dan uiteindelijk bij het verhaal van de mensheid uit te komen? U schrijft immers ook in uw boek dat er geen omlijnd routeplan bestaat! « Mais moi je pense que la meilleure façon ... je pense que ça c'est l'impor-tant. » "De beste manier volgens mij om tegen deze opvatting over het leven die ongelijkheid, onrechtvaardigheid en geweld promoot, te strijden, is om burger te zijn. Je moet burger zijn, niet consument, niet spaarder of aandeelhouder. Men beweert dat je belangrijk bent en invloed kunt uitoefenen als spaarder of aandeelhouder. Ik denk integendeel dat je het fundamentele principe moet herbevestigen dat je bent omdat je burger bent. Als burger heb je een politieke macht. Het essentiële strategische element voor mij is dan ook, en dat in tegenstelling tot de universele theologie van het kapitalisme, burger te zijn. De dominante groepen zijn immers bang voor twee dingen: als je afwijkende ideeën hebt, ben je gevaarlijk, en als burger ben je gevaarlijk. Een burger met nieuwe ideeën is dan ook dubbel gevaarlijk! Dat is belangrijk!" Het alternatieve verhaal, het verhaal van de mensheid, is gesteund op dat principe, of beter, op zes principes! « Oui, alors l'alternative existe … n'est pas une société. » "Het alternatief bestaat dus! Je moet nu een helder en fundamenteel principe vooropstellen. In tegenstelling tot de universele theologie van het kapitalisme moet je vooropstellen dat alles waarde heeft wat bijdraagt om de voorwaarden te scheppen waardoor iedereen recht heeft op een waardig leven. Als ik bijvoorbeeld een rivier of een meer wil benutten, maar daardoor enkel eigen kapitaal vergroot, en bovendien het recht op leven voor iedereen negatief beïnvloed, dan moet die zaak ook niet gebeuren. Iedereen, elk menselijk leven, heeft recht op een waardig bestaan. Drie miljard mensen, mensen zoals u en ik, leven nog steeds onder de armoedegrens. Drie miljard, dat is niet te vatten! Twee miljard mensen hebben geen werk, en daarvan zijn zestig procent jongeren. Hoe kun je je daarbij een toekomst, een waardige samenleving voorstellen? Het eerste principe is dan ook het recht op leven. Dat is men al te vaak vergeten! Het tweede principe is om het gemeenschappelijke goed (le bien commun) te erkennen. Alles wordt verhandeld, niets is nog gemeen-schappelijk. Zelfs niet de lucht, het water en de zon. De aarde, de steden, opvoeding, gezondheid en veiligheid, niets is nog gemeenschappelijk. Het is ieder voor zichzelf. En een samenleving die niets gemeenschappelijks heeft, is geen samenleving!" « Troisièmement, le rôle ... (pensons en ce moment à Berlusconi … indigne) … envie de réaliser. » "In de derde plaats is er de collectieve verantwoordelijkheid, die gestructureerd moet worden door instellingen en middelen, waardoor we aan een vierde principe komen, de collectieve rijkdom. Daarbij denk ik aan de overheidsfinan-ciën. Een van de grote sociale verwezenlijkingen van onze samenleving, in de negentiende en de twintigste eeuw, is de fiscaliteit. Een klein deel van onze rijkdom wordt in een gemeenschappelijke pot gestort, waardoor we speelplei-nen, scholen, ziekenhuizen, wegen en stuwdammen kunnen bouwen, zaken die bijdragen aan de kwaliteit van ons leven. Vervolgens is er de participerende democratie. Mensen moeten participeren! Altijd wanneer de burgers partici-peerden in de geschiedenis, ging het om een goede evolutie. Integendeel, wanneer een kleine minderheid, een oligarchie, zich de macht toeëigende en de beslissingen nam, ging het telkens de verkeerde richting uit. En ten laatste, het principe van de utopie. We moeten dromen! De utopie is niet iets wat niet gerealiseerd kan worden. Met de utopie kunnen we uit de gevangenis van het heden ontsnappen. Zo kunnen we vooruit! Zelfs wanneer het om een gouden gevangenis gaat. Een samenleving die niet kan dromen, is een dode samenleving! De universele theologie van het kapitalisme zegt ons niet te denken, enkel te handelen. Maar dat is afschuwelijk! Wie ben ik dan nog? Een utopie, een droom, probeert men immers altijd waar te maken!" Tot zover nog Riccardo Petrella. Zijn boek "Een nieuw verhaal van de wereld" is een uitgave van EPO, met de steun van de Universiteit voor het Algemeen Belang, en is te koop in de goede boekhandel. Zo dadelijk Jan Van Reeth over Mohammed, maar eerst "De radicale Verlichters", een korte persoonlijke bedenking van Björn Siffer, woordvoerder van de Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging: MUZIEK Voltaire en Rousseau, dat waren eigenlijk maar flauwe tisten. U kent allemaal Verlichters als Voltaire en Rousseau, maar de écht interessante Verlichters waren mensen als Baron d'Holbach, La Mettrie en Diderot. Over hen en over hun filosofische salons, waar vrijmoedige debatten en copieuze maaltijden hand in hand gingen, schrijft Philipp Blom in het prachtige boek "Het Verdorven Genootschap". In tegenstelling tot Voltaire en Rousseau, waren de radicale Verlichters niet gelovig. Integendeel, het waren materialisten die geloofden dat er na de dood niets meer was, geen god, geen verlossing, niets. Het waren geen romantici, zoals de bekende Verlichters, maar hyperrealisten, die ervan uitgingen dat de mens wordt gedreven door hartstocht en verlangens en dat het erop aankomt deze de ene keer te temperen, de andere keer de vrije loop te laten. Want het waren verdorie genieters! 100 jaar voor Darwin besloten zij al - tijdens het nuttigen van gefarceerde fazant en gegrild everzwijn – dat de diersoorten ontstaan zijn door evolutie. Dus wie geïntereseerd is in een interessant brokje geschiedenis van het atheïsme: rep u naar de boekhandel voor "Het Verdorven Genootschap"! MUZIEK Björn Siffer ondersteund door muziek van Keith Jarrett. Dat brengt ons bij Mohammed, de stichter van de islam. Daarmee zitten we aan het begin van de zevende eeuw. Sommigen beschouwen Mohammed als het resultaat van heel wat verdichting, of zelfs als een fictief iemand, maar toch weten we heel wat over Mohammed. En van iemand die in een mum van tijd de Arabische tribale wereld één maakte op godsdienstige basis, wil je weleens de historische realiteit kennen. Was hij een begenadigd wetgever, een kundig strateeg, een volksmenner of een diepzinnig profeet? Of misschien dat alles samen? Voor Jan Van Reeth van de faculteit Vergelijkende Godsdienstwetenschappen zijn er alvast meerdere visies op Mohammed. "Een theoloog is hij zeker niet. Er staan geen echte theologische traktaten in de Koran. Die komen pas later in de islam tot stand. Hij is een religieus hervormer, iemand die een bepaalde vorm van monotheïsme in de Arabische wereld wil verspreiden, met een profetische zending en waarschijnlijk met de gedachte dat hij een ideale godsdienstige gemeenschap kon stichten met het oog op de vervulling, het einde van de tijden." Jan Van Reeth over Mohammed. Voor hem was hij alvast geen theoloog. Toch is er een officiële Mohammed, een Mohammed van de gelovigen, een westerse Mohammed en een historische Mohammed. Maar hoe zit het dan eigenlijk met die historische Mohammed? Pas honderd jaar na Mohammeds dood is er Ibn Ishaq, de eerste biograaf. Maar misschien schreef die over Mohammed met een bepaalde bedoeling. Dus verwijst men nogal gemakkelijk naar de Koran enerzijds en de mondelinge Hadith anderzijds. De Koran is dan wel zowat de oudste bron, maar werd na een hoofdzakelijk mondelinge overlevering pas dertig jaar na de dood van Mohammed gecanoniseerd, ging eigenlijk niet over Mohammed, maar over het Woord van God. Daarover Jan Van Reeth. "Het is moeilijk om daar historische details uit te distilleren. Alhoewel dan latere islamitische commentatoren hun best hebben gedaan om allerlei Koranpassa-ges in verband te brengen met episodes uit zijn leven. Iets anders is natuurlijk de biografie van de Profeet, die inderdaad vanaf de vroege Abbasidentijd tot stand is gekomen bij verschillende auteurs. Ibn Ishaq is daar een van de belangrijkste van, met de "Sirat Rasul Allah", "Leven van de profeet Moham-med". Maar die tekst is een beetje uit herinnering geschreven en waarschijnlijk ook wel de weergave van de officiële biografie van de Profeet zoals men die in de vroege Abbasidentijd vanwege de kalief naar voren wilde schuiven. En het lijkt zo te zijn dat men op dat ogenblik toch wel een heel aantal dingen herdacht heeft in de geschiedenis toen er in zekere mate herschreven is geworden vanuit het beschikbare bronnenmateriaal." - Eens eerst eventjes terug naar die beginperiode… We zijn dan rond 623. U suggereert eigenlijk dat men rekening moet houden met de context waarin de islam dan ontstaat. Hoe ziet die context er op dat ogenblik uit? "We hebben daar in de kleine steden en in de nomadennederzettingen een zeer traditionele samenleving die tribaal georganiseerd is en waarin de macht wordt uitgeoefend door sjeiks, dat zijn ouderlingen, het is te zeggen de oudste familievaders van de clan. Wat is nu het probleem met de steeds toenemende handel? Dat jonge mensen, want het zijn zij die handeldrijven, avonturiers, karavaanhandelaars die verre tochten kunnen ondernemen. Dezen verzamelen in steeds toenemende mate rijkdom, trekken de economie eigenlijk op gang, maar die mensen hebben het in die tribale samenleving niet voor het zeggen. Die moeten gehoorzamen aan wat er bepaald wordt door de clanleiders. Daardoor ontstaan spanningen. Nu, Mohammed en zijn eerste volgelingen lijken precies te komen uit zo'n milieu van mensen die net niet tot die hoge klasse behoren. En die in het verzet gaan. Want het is zelfs omgekeerd. Wanneer de islam ontstaat, dan ontstaat er een heel grote tegenkanting van de Mekkaanse adel en van degenen die de leiding in handen hebben van de cultus rond de Ka'aba, rond het heiligdom van Mekka. Zij zijn het die zich keren tegen de Profeet en hem er uiteindelijk toe dwingen om met zijn volgelingen uit te wijken naar Medina, wat het begin is van de islamitische tijdrekening. Van de islam eigenlijk." - De Koran ontstaat in een orale traditie en wordt op een bepaald ogenblik neergeschreven. Ook lang na het overlijden van Mohammed. Vanwaar de behoefte om op een bepaald ogenblik toch een geschreven versie te hebben van die Koran? En wie zorgt daar dan uiteindelijk voor? "Er zijn verschillende redenen waarschijnlijk waarom men die behoefte is gaan voelen. Een eerste kan zijn dat, volgens bepaalde theorieën, Mohammed gedacht moet hebben dat hij de profeet was van het einde van de tijden en dat zijn volgelingen dat ook dachten. Als dat zo is, natuurlijk, dan moet men niets doen ten behoeve van het nageslacht. Dan was er geen behoefte om over geschreven teksten te beschikken. Maar een andere reden is dat de islam spoedig een nieuw centrum krijgt: Damascus, in de gehelleniseerde Syrische wereld. Dat wordt een nieuwe hoofdstad. Daar hebben we een stedelijke cultuur, een geschreven cultuur ook met een heel lange traditie. Met daarin godsdiensten vertegenwoordigd die over teksten beschikken: het jodendom, het christendom, met de Thora, het Evangelie, de Bijbel enzovoorts. En dat men ook natuurlijk zo'n tekst moet hebben. Nu weten we wel dat dat redactie-proces een heel lange tijd heeft bestaan. Tientallen jaren. Dat dit eigenlijk al begonnen is tijdens het leven van Mohammed zelf. Mohammed beschikte daarvoor over een aantal secretarissen van wie de namen bekend zijn. Sommigen daarvan zijn joden. Sommigen daarvan zijn christenen, zijn Perzen, die meegewerkt hebben aan het op schrift stellen van de Koran. Dat proces gaat na zijn dood verder." - We zijn nog altijd aan het zoeken naar de historische Mohammed. Die is uiteraard voor een stukje aanwezig in de Koran. Maar hoe betrouwbaar is dat dan op dat ogenblik? "Het lijkt zo te zijn dat er eerder losse openbaringen zullen hebben bestaan, losse, korte teksten die op een gegeven ogenblik samengevoegd zijn. We kunnen dat onder meer zien aan het feit dat er in de Koran verspreid in de tekst passages voorkomen die sterk op elkaar gelijken. Dat lijken wel doubletten van elkaar te zijn die verschillende keren in de tekst gebruikt zijn. Dus men heeft die tekst in elkaar vervlochten als het ware. Als we die terug uit elkaar halen, analyseren, dan krijgen we wel stukken die bruikbaar zijn als historisch materiaal. Als geheel is de Koran een sterk geredigeerde tekst." - Die eerste biograaf, zullen we maar zeggen, sommigen zullen zeggen 'hagiograaf', Ibn Ishaq, schrijft rond 750 over Mohammed zelf. Hoe betrouw-baar is een figuur zoals Ibn Ishaq dan als geschiedkundige? "Stukken van het materiaal waarvan hij gebruikmaakt, zijn echt wel zeer oud. Dat kunnen we zien aan de taal alleen. Er zijn heel oude taalrestanten in te vinden die soms zelfs pre-islamitisch zijn. Hij citeert ook lang, er zijn lange gedichten enzovoorts. Hij moet dus zeker beschikt hebben over bestaande gegevens. Hij niet alleen overigens. Er zijn nog heel wat andere teksten die op heel oud materiaal teruggaan. Maar het probleem is om eruit te puren wat historisch is en wat naderhand bijgekleurd is, wat tot de legendevorming gaat behoren. Een goed voorbeeld daarvan is het verhaal over Ismaël en Abraham, die de tempel van Mekka gebouwd hebben, en dan een heel verhaal van samen met de engelen enzovoorts. Men heeft aangetoond dat dit voor een deel legendevorming uit de Abassidentijd is. Om precies de tempel van Mekka eenzelfde statuut te geven als de tempel van Jeruzalem. Dat kadert in de grote debatten die er aan de gang zijn tegenover de joden om hun heiligdom eenzelfde waarde te geven. Daar is van alles met die tekst gebeurd. Met weliswaar ook historische stukken daarin." - Op een bepaalde manier komt Mohammed toch uit al die verhalen als een levend iemand, hé, met een persoonlijkheid, met zijn karaktertrekken enzovoorts, die niet altijd even aangenaam waren. Kan men dat zeggen? Komt dat uit die teksten naar voren? "Ik denk ook niet dat er naderhand een doelbewuste vervalsing is. Men wil gewoon de zaken correct voorstellen zoals men toen in de Abbasidentijd dacht dat ze waren. Maar in de tijd daarvoor, ja… Het lijkt wel zo te zijn dat er een fase is waar men nog zeer traditioneel Arabisch tribaal enzovoorts dacht. Vanuit de typische levenshouding van bedoeïenen. En zij hebben een heel direct verband met hun omgeving, met de natuur ook waarin zij leven. Het menselijke, het dierlijke leven maakt daarvan integraal deel uit. Zo weten we vanuit de bronnen allerlei intieme dingen over de Profeet. Er zijn weinig religieuze leiders over wie men zoveel details kent. Vanuit het dagelijkse leven. Die zijn daar allemaal als fragmenten in opgenomen. Ja, en daar hebben we echt historisch materiaal. Dat is, denk ik, zeer duidelijk. En weten we heel veel over die man die daar inderdaad als een zeer levensecht iemand uit naar voren komt." - U bent historisch geïnteresseerd in de figuur van Mohammed. Hoe groot is de kans eigenlijk dat we echt wel een correct beeld hebben van wie die historische Mohammed was? "Die kans is tamelijk groot. Niet tot in alle details, maar ik denk dat het onderzoek goed bezig is om - precies door vergelijkende studies met de omgevende cultuur, met de christelijke teksten die wij hebben uit de periode voorafgaand aan de islam en gelijk met de islam, ook met de joodse literatuur - een steeds beter geformuleerd historisch beeld van de oorspronkelijke Koran te verschaffen. Dat men de profeet Mohammed daarin beter historisch kan plaatsen. Ik zou vergelijken met de ontstaansgeschiedenis van Rome. Daarvan weet men nu dat dit niet historisch is. Zo zal men ook wel steeds beter weten hoe de beginperiode van de islam eruitzag. Maar het is een onderzoek dat nog volop aan de gang is en dat zeker niet afgerond is." MUZIEK Björn Siffer ondersteund door muziek van Keith Jarrett. Dat brengt ons bij Mohammed, de stichter van de islam. Daarmee zitten we aan het begin van de zevende eeuw. Sommigen beschouwen Mohammed als het resultaat van heel wat verdichting, of zelfs als een fictief iemand, maar toch weten we heel wat over Mohammed. En van iemand die in een mum van tijd de Arabische tribale wereld één maakte op godsdienstige basis, wil je weleens de historische realiteit kennen. Was hij een begenadigd wetgever, een kundig strateeg, een volksmenner of een diepzinnig profeet? Of misschien dat alles samen? Voor Jan Van Reeth van de faculteit Vergelijkende Godsdienstwetenschappen zijn er alvast meerdere visies op Mohammed. "Een theoloog is hij zeker niet. Er staan geen echte theologische traktaten in de Koran. Die komen pas later in de islam tot stand. Hij is een religieus hervormer, iemand die een bepaalde vorm van monotheïsme in de Arabische wereld wil verspreiden, met een profetische zending en waarschijnlijk met de gedachte dat hij een ideale godsdienstige gemeenschap kon stichten met het oog op de vervulling, het einde van de tijden." Jan Van Reeth over Mohammed. Voor hem was hij alvast geen theoloog. Toch is er een officiële Mohammed, een Mohammed van de gelovigen, een westerse Mohammed en een historische Mohammed. Maar hoe zit het dan eigenlijk met die historische Mohammed? Pas honderd jaar na Mohammeds dood is er Ibn Ishaq, de eerste biograaf. Maar misschien schreef die over Mohammed met een bepaalde bedoeling. Dus verwijst men nogal gemakkelijk naar de Koran enerzijds en de mondelinge Hadith anderzijds. De Koran is dan wel zowat de oudste bron, maar werd na een hoofdzakelijk mondelinge overlevering pas dertig jaar na de dood van Mohammed gecanoniseerd, ging eigenlijk niet over Mohammed, maar over het Woord van God. Daarover Jan Van Reeth. "Het is moeilijk om daar historische details uit te distilleren. Alhoewel dan latere islamitische commentatoren hun best hebben gedaan om allerlei Koranpassa-ges in verband te brengen met episodes uit zijn leven. Iets anders is natuurlijk de biografie van de Profeet, die inderdaad vanaf de vroege Abbasidentijd tot stand is gekomen bij verschillende auteurs. Ibn Ishaq is daar een van de belangrijkste van, met de "Sirat Rasul Allah", "Leven van de profeet Moham-med". Maar die tekst is een beetje uit herinnering geschreven en waarschijnlijk ook wel de weergave van de officiële biografie van de Profeet zoals men die in de vroege Abbasidentijd vanwege de kalief naar voren wilde schuiven. En het lijkt zo te zijn dat men op dat ogenblik toch wel een heel aantal dingen herdacht heeft in de geschiedenis toen er in zekere mate herschreven is geworden vanuit het beschikbare bronnenmateriaal." - Eens eerst eventjes terug naar die beginperiode… We zijn dan rond 623. U suggereert eigenlijk dat men rekening moet houden met de context waarin de islam dan ontstaat. Hoe ziet die context er op dat ogenblik uit? "We hebben daar in de kleine steden en in de nomadennederzettingen een zeer traditionele samenleving die tribaal georganiseerd is en waarin de macht wordt uitgeoefend door sjeiks, dat zijn ouderlingen, het is te zeggen de oudste familievaders van de clan. Wat is nu het probleem met de steeds toenemende handel? Dat jonge mensen, want het zijn zij die handeldrijven, avonturiers, karavaanhandelaars die verre tochten kunnen ondernemen. Dezen verzamelen in steeds toenemende mate rijkdom, trekken de economie eigenlijk op gang, maar die mensen hebben het in die tribale samenleving niet voor het zeggen. Die moeten gehoorzamen aan wat er bepaald wordt door de clanleiders. Daardoor ontstaan spanningen. Nu, Mohammed en zijn eerste volgelingen lijken precies te komen uit zo'n milieu van mensen die net niet tot die hoge klasse behoren. En die in het verzet gaan. Want het is zelfs omgekeerd. Wanneer de islam ontstaat, dan ontstaat er een heel grote tegenkanting van de Mekkaanse adel en van degenen die de leiding in handen hebben van de cultus rond de Ka'aba, rond het heiligdom van Mekka. Zij zijn het die zich keren tegen de Profeet en hem er uiteindelijk toe dwingen om met zijn volgelingen uit te wijken naar Medina, wat het begin is van de islamitische tijdrekening. Van de islam eigenlijk." - De Koran ontstaat in een orale traditie en wordt op een bepaald ogenblik neergeschreven. Ook lang na het overlijden van Mohammed. Vanwaar de behoefte om op een bepaald ogenblik toch een geschreven versie te hebben van die Koran? En wie zorgt daar dan uiteindelijk voor? "Er zijn verschillende redenen waarschijnlijk waarom men die behoefte is gaan voelen. Een eerste kan zijn dat, volgens bepaalde theorieën, Mohammed gedacht moet hebben dat hij de profeet was van het einde van de tijden en dat zijn volgelingen dat ook dachten. Als dat zo is, natuurlijk, dan moet men niets doen ten behoeve van het nageslacht. Dan was er geen behoefte om over geschreven teksten te beschikken. Maar een andere reden is dat de islam spoedig een nieuw centrum krijgt: Damascus, in de gehelleniseerde Syrische wereld. Dat wordt een nieuwe hoofdstad. Daar hebben we een stedelijke cultuur, een geschreven cultuur ook met een heel lange traditie. Met daarin godsdiensten vertegenwoordigd die over teksten beschikken: het jodendom, het christendom, met de Thora, het Evangelie, de Bijbel enzovoorts. En dat men ook natuurlijk zo'n tekst moet hebben. Nu weten we wel dat dat redactie-proces een heel lange tijd heeft bestaan. Tientallen jaren. Dat dit eigenlijk al begonnen is tijdens het leven van Mohammed zelf. Mohammed beschikte daarvoor over een aantal secretarissen van wie de namen bekend zijn. Sommigen daarvan zijn joden. Sommigen daarvan zijn christenen, zijn Perzen, die meegewerkt hebben aan het op schrift stellen van de Koran. Dat proces gaat na zijn dood verder." - We zijn nog altijd aan het zoeken naar de historische Mohammed. Die is uiteraard voor een stukje aanwezig in de Koran. Maar hoe betrouwbaar is dat dan op dat ogenblik? "Het lijkt zo te zijn dat er eerder losse openbaringen zullen hebben bestaan, losse, korte teksten die op een gegeven ogenblik samengevoegd zijn. We kunnen dat onder meer zien aan het feit dat er in de Koran verspreid in de tekst passages voorkomen die sterk op elkaar gelijken. Dat lijken wel doubletten van elkaar te zijn die verschillende keren in de tekst gebruikt zijn. Dus men heeft die tekst in elkaar vervlochten als het ware. Als we die terug uit elkaar halen, analyseren, dan krijgen we wel stukken die bruikbaar zijn als historisch materiaal. Als geheel is de Koran een sterk geredigeerde tekst." - Die eerste biograaf, zullen we maar zeggen, sommigen zullen zeggen 'hagiograaf', Ibn Ishaq, schrijft rond 750 over Mohammed zelf. Hoe betrouw-baar is een figuur zoals Ibn Ishaq dan als geschiedkundige? "Stukken van het materiaal waarvan hij gebruikmaakt, zijn echt wel zeer oud. Dat kunnen we zien aan de taal alleen. Er zijn heel oude taalrestanten in te vinden die soms zelfs pre-islamitisch zijn. Hij citeert ook lang, er zijn lange gedichten enzovoorts. Hij moet dus zeker beschikt hebben over bestaande gegevens. Hij niet alleen overigens. Er zijn nog heel wat andere teksten die op heel oud materiaal teruggaan. Maar het probleem is om eruit te puren wat historisch is en wat naderhand bijgekleurd is, wat tot de legendevorming gaat behoren. Een goed voorbeeld daarvan is het verhaal over Ismaël en Abraham, die de tempel van Mekka gebouwd hebben, en dan een heel verhaal van samen met de engelen enzovoorts. Men heeft aangetoond dat dit voor een deel legendevorming uit de Abassidentijd is. Om precies de tempel van Mekka eenzelfde statuut te geven als de tempel van Jeruzalem. Dat kadert in de grote debatten die er aan de gang zijn tegenover de joden om hun heiligdom eenzelfde waarde te geven. Daar is van alles met die tekst gebeurd. Met weliswaar ook historische stukken daarin." - Op een bepaalde manier komt Mohammed toch uit al die verhalen als een levend iemand, hé, met een persoonlijkheid, met zijn karaktertrekken enzovoorts, die niet altijd even aangenaam waren. Kan men dat zeggen? Komt dat uit die teksten naar voren? "Ik denk ook niet dat er naderhand een doelbewuste vervalsing is. Men wil gewoon de zaken correct voorstellen zoals men toen in de Abbasidentijd dacht dat ze waren. Maar in de tijd daarvoor, ja… Het lijkt wel zo te zijn dat er een fase is waar men nog zeer traditioneel Arabisch tribaal enzovoorts dacht. Vanuit de typische levenshouding van bedoeïenen. En zij hebben een heel direct verband met hun omgeving, met de natuur ook waarin zij leven. Het menselijke, het dierlijke leven maakt daarvan integraal deel uit. Zo weten we vanuit de bronnen allerlei intieme dingen over de Profeet. Er zijn weinig religieuze leiders over wie men zoveel details kent. Vanuit het dagelijkse leven. Die zijn daar allemaal als fragmenten in opgenomen. Ja, en daar hebben we echt historisch materiaal. Dat is, denk ik, zeer duidelijk. En weten we heel veel over die man die daar inderdaad als een zeer levensecht iemand uit naar voren komt." - U bent historisch geïnteresseerd in de figuur van Mohammed. Hoe groot is de kans eigenlijk dat we echt wel een correct beeld hebben van wie die historische Mohammed was? "Die kans is tamelijk groot. Niet tot in alle details, maar ik denk dat het onderzoek goed bezig is om - precies door vergelijkende studies met de omgevende cultuur, met de christelijke teksten die wij hebben uit de periode voorafgaand aan de islam en gelijk met de islam, ook met de joodse literatuur - een steeds beter geformuleerd historisch beeld van de oorspronkelijke Koran te verschaffen. Dat men de profeet Mohammed daarin beter historisch kan plaatsen. Ik zou vergelijken met de ontstaansgeschiedenis van Rome. Daarvan weet men nu dat dit niet historisch is. Zo zal men ook wel steeds beter weten hoe de beginperiode van de islam eruitzag. Maar het is een onderzoek dat nog volop aan de gang is en dat zeker niet afgerond is." Jan Van Reeth van de faculteit Vergelijkende Godsdienstwetenschappen, steeds op zoek naar de historische Mohammed. Dank je, Karel. Daarmee zijn we aan het eind van HVW. Samenstelling en presentatie waren van KVD en FS. De tekst van dit programma kun je bestellen bij de Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging, Lange Leemstraat 57, 2018 Antwerpen. Tel. 03 233 70 32. En over enkele dagen vind je de tekst ook op <h-vv.be>, waar je de uitzending nog even kunt herbeluisteren. Volgende week is er een gesprek met Marc Van den Bossche over sport als levenskunst, en is er ook een bijdrage van het WF. Dit was het wat ons betreft. Nog een goede avond en graag tot volgende week! Muziek: 0'10" High Heels - Sakamoto Sakamoto 262975 1'35" The Köln Concert – K. Jarrett K. Jarrett 810 067-2 |