| Openingen - gevangenisgedichten |
|
HVW –
HVR
Uitz.:
06.07.09
Opn.: 11.06.09
Real.: Frank Stappaerts
Openingen – gevangenisgedichten
Beginindicatief
--
Sfeerfragment
Bang
De
liefde klopte bij mij aan
Ik deed
niet open
De
liefde ging weg
Ik was
bang ontgoocheld te worden
Het
geluk klopte bij mij aan
Ik deed
niet open
Het
geluk ging weg
Ik was
bang ongelukkig te zijn
Het
leven klopte bij mij aan
Ik deed
niet open
Het
leven ging weg
Ik was
bang alleen te leven
Jij
klopte bij me aan
Ik deed
niet open
Jij kwam
gewoon binnen
En ik
vond liefde, geluk en leven
Sfeerfragment
Goedenavond luisteraar en welkom in HVW. Zonet
hoorde u Luc, gedetineerde in Leuven Centraal, met zijn gedicht “Bang”. Dat
kadert in het project “Openingen. Gevangenisgedichten”, gekozen en bezorgd door
Benno Barnard en Roger de Neef. Een poëziebundel mét een dvd, maar ook een
project waaraan een lange geschiedenis voorafgaat. Wij vroegen aan Roger de
Neef en Constance Vanden Wijngaert, allebei betrokken bij het project, een en
ander toe te lichten. Maar we praten ook met Frank, gedetineerde én
bibliothecaris van Leuven Centraal, alsook met een paar gevangenen die
vertellen waarom voor hen poëzie belangrijk is. Ten slotte, aan het eind van de
uitzending, hoort u gevangenisdirecteur Guido Verschueren over
cultuurparticipatie door gevangenen. Tussendoor hoort u gedichten uit de
bundel, samen met muziek van Ben Sluijs, die je trouwens ook terugvindt op de
dvd. Maar eerst Constance Vanden Wijngaert van de bibliotheek van Kortenberg:
Het
project is ontstaan uit een samenwerking van drie bibliotheken, namelijk de
bibliotheek van Leuven Centraal, een gevangenisbibliotheek, de bibliotheek van
Leuven ‘Twee bronnen’ en de bibliotheek van Kortenberg. De drie bibliotheken
vonden dat door de samenwerking van het organiseren van culturele activiteiten
in de gevangenis van Leuven Centraal en het aanbieden van wisselcollecties het
de moeite waard was om dat naar buiten te brengen en te laten zien dat er in de
gevangenis ook andere dingen gebeuren dan alleen straf uitzitten. Het is
uitgemond in een project met een dichtbundel met de naam “Openingen”, waaraan
gedetineerden van Leuven Centraal deelnemen met gedichten, maar ook
internationale dichters en gastdichters.
Ik zou
het niet alleen willen toespitsen, direct gezien, op poëzie, omdat we via deze
bibliotheek trachten cultuur te brengen op een hoger niveau dan normaal, zelfs
op een hoger niveau dat sommige andere provinciale bibliotheken geven aan hun
cliënten. Wat doen we dus? Naar aanleiding van een heuse bibliotheekenquête, nu
een aantal jaren geleden, in 2002-2003, kwamen er een heleboel vragen naar
voren met de mededeling: kunnen we wat meer cultuur krijgen via de bibliotheek?
Dienaangaande hebben de directeur en ik de koppen bij elkaar gestoken en zijn
we tot de conclusie gekomen dat we in eerste instantie mensen opnieuw willen
leren schrijven, hun gevoelens op papier leren zetten. Tweede zaak die we
wilden oprichten, op poten wilden krijgen, is het organiseren van een groot
aantal literaire of culturele avonden. Voor beide projecten zijn we geslaagd.
We zijn begonnen met de literaire avonden en kort nadien – enfin, ik denk een
jaar nadien, in 2005 – zijn we gestart met een eerste poëzieproject in
samenwerking met een aantal grote poëten die fungeerden als jury, alsook met de
bibliotheek van Kortenberg, die zeer veel logistieke steun bood. Nu, een kleine
rondvraag, of enquête liever, ten bate van het eerste poëzieproject gaf toch te
kennen dat er toen een zeventiental mensen wilden deelnemen aan het
poëzieproject. Uiteindelijk zijn het er geen zeventien geworden, doordat er
ondertussen een aantal waren vrij gegaan, maar we zijn toch kunnen eindigen met
een twaalftal personen voor dat eerste poëzieproject. Wat toch wel een fijne
gewaarwording was. Als je dat vergelijkt met andere poëziewedstrijden
georganiseerd door bijvoorbeeld de Poëziekrant of het Poëziecentrum in Gent,
dan is het toch wel mooi meegenomen. Twaalf mensen op een totaal van
driehonderd die hun gevoelens op papier willen zetten. Dus die doelgroep was in
ieder geval toch bereikt.
(1
Onvrij – Mayibuye )
Een
tweede poëzieproject werd dan in gang gestoken voor 2008, weer met dezelfde
reden, maar met een andere invalshoek. We gaan nu niet schrijven over vrijheid,
maar het wat breder trachten open te trekken, meer naar het innerlijke toe.
Vandaar dat de cultuur an sich wel wat meer filosofische bijklank kreeg. En
daar is de bibliotheek, dankzij alweer de samenwerking met die andere dichters
en ook dankzij een paar momenten van stilstaan bij het poëzie-schrijven, erin
geslaagd om dat alweer breder open te trekken. Vandaar ook de titel
“Openingen”, die tegelijkertijd verwijst – volgens mij dan toch – naar het
openen van gevangenisdeuren naar andere mensen toe, maar ook het openen van
gevangenisdeuren, innerlijke gevangenisdeuren dan, van de betrokken dichters
die hebben deelgenomen aan het poëzieproject.
(2 J + F
- Roger de Neef)
Voor alle duidelijkheid, de publicatie bevat
zowel een boek “Openingen”, waarin dan de gedichten zijn opgenomen, maar ook
een dvd, en daarbij is vooral gekozen voor kwaliteit en authenticiteit!
Het
moesten gedichten zijn die een reflectie zijn op een bijzondere existentiële
toestand, want in een gevangenis verblijven schept wel een zeer bijzonder
klimaat en daar moet dus ook op een adequate wijze, qua vorm en qua inhoud, aan
gewerkt zijn om via verwoording het mogelijk te maken dat de boodschap over de
inhoud overkomt in de buitenwereld. Die mensen zijn dan opgenomen zonder vorm
van concurrentie, maar op grond toch van echte authenticiteit. Misschien met
enkele vormfouten, maar zij kunnen zich heel weerbaar verdedigen tussen andere dichters
die een meer professioneel karakter etaleren in hun verzen.
Daarnaast
zijn enkele gastdichters aangesproken. Meestal zijn dat mensen die al een
lezing gegeven hebben in Leuven Centraal of die op een of andere manier zelf
vanuit hun verleden te maken gehad hebben met opsluiting of met het
gevangeniswezen. De acteurs hebben ook vrijwillig hun medewerking gegeven. Jan
Decleir is ook zelf opgetreden in Leuven Centraal met het stuk “Gilles de
Rais”, vroeger. Iedereen was direct bereid om hieraan mee te werken, dus het
thema spreekt ook wel de mensen aan die voor de film de poëzie gelezen willen
hebben.
(3 Dag
en Nacht – Efeeb / Frank)
Anderzijds
is het boek zo opgevat dat de verschillende psychologische portretten van
gevangenen zeer goed tot uiting komen. Ik kan bijna verwijzen naar wat
Abdellatif Laâbi in een van zijn gedichten zegt: er zijn mensen die dromen met
de ogen open, er zijn mensen, gedetineerden, die gedichten schrijven, die de
broederlijkheid beoefenen door brieven te schrijven voor hun medegevangenen, er
zijn er die werken en knutselen en het meer utilitaire knopen aan de
verbeelding, er zijn er die echt diepgaande verzen schrijven en zichzelf
vernietigen door de geboorte op het witte blad te vernielen, er zijn diegenen
die ziek zijn en nog het meest getormenteerd worden door de zwaarte van hun
ziekte en hun lichaam, door die ervaring. En er zijn ook gedetineerden die op
hun ‘humores’drijven, hun sappen cultiveren, hun temperament. Dat zijn de meest
ongelukkigen. En heel die mentale, biologische, psychische en fysieke
doorleving van die speciale situatie komt zeer duidelijk tot uiting in de 42
gedichten binnen de bundel.
(4 Kom –
Foldvari)
Uiteindelijk een project van
cultuurparticipatie, maar dan toch wel bij een niet evidente doelgroep!
Ik denk
dat gevangenen op dit ogenblik veel in de media komen, of het gevangeniswezen
als doelgroep, maar dan vooral met de problematiek van het gevangen-zijn of van
de straf die ze moeten uitzitten. De doelgroep is niet evident omdat we op een
andere manier proberen de identiteit van de mensen naar buiten te brengen.
Naast hun straf die ze moeten uitzitten, leven zij ook als normale mensen,
vervullen zij een dagelijkse werktaak en hebben zij ook een
vrijetijdsbesteding. Het is eigenlijk ook een deel om inzicht te geven aan de
manier waarop het dagelijkse leven in de gevangenis verloopt, dat daar ook
mensen studeren, creatieve dingen doen, naar muziek luisteren, de bibliotheek
bezoeken. Het project geeft aan de gevangenen zelf de mogelijkheid om daarmee een
beeld te geven van zichzelf in de buitenwereld. Daarom is het boek ook zo
belangrijk om gelezen te worden als een gewone poëziebundel, maar met in het
achterhoofd dat er toch gewerkt wordt in die gevangenis aan iets anders dan
alleen hun straf uitzitten.
Het is
eigenlijk een reactie tegen de gefragmenteerde, geëtiketteerde mens die daar
zit voor moord, pedofilie of gelijk wat. De beschadigde en onaffe
persoonlijkheid, de gemaskeerde persoonlijkheid van iemand tot uiting laten
komen door dingen die absoluut niet gekend of bekend zijn in de buitenwereld,
waar er over gevangenissen alleen wordt gesproken in verband met het bijbouwen
van nieuwe gevangenissen, dus in termen van ruimte, maar nooit met het oog op
humane kwaliteitsbeleving van het gevangen-zijn en de voorbereiding van die
mensen op hun re-integratie of mogelijke terugkeer naar de samenleving, die op
zichzelf al genoeg beschadigd is door welvaart, maar niet door welzijn.
(5
Passievruchten – Chris Abani / Jan Decleir)
Poëzie en gevangenis is geen evidente
combinatie. Maar hoe bekijken de gedetineerden dat zelf? Hoe zetten zij de stap
naar poëzie? Luc, Paul en Johan antwoorden:
Dat is
inderdaad geen evidente combinatie omdat de meeste gedetineerden nogal
machotypes zijn, veel sport willen doen en eigenlijk weinig met gevoelens naar
buiten komen. Ik ben daarmee begonnen in de gevangenis van Brugge. Ik had daar
een lerares Nederlands die me toch wel stimuleerde om poëzie te kunnen
schrijven. Het is absoluut geen evidentie als je hier in Leuven Centraal komt.
Hier zitten nogal wat zware mannen. Die doen stoer en die kunnen daar niet goed
mee overweg, met mensen die toch een beetje hun gevoelens laten blijken. Dat is
voor mij toch een aanzet geweest om daar toch wel verder in te gaan, hoewel er
wat moeilijkheden waren in het begin en zo allemaal.
Voor mij
is poëzie in de gevangenis wel iets helemaal anders, met een andere insteek dan
bij Luc. Voor mij is het toch niet een alledaags gebeuren. Ik heb me steeds op
het project gericht dat vanuit de bibliotheek georganiseerd werd en op dat
moment geprobeerd om iets poëtisch op papier te krijgen. Dat kost
waarschijnlijk wel meer moeite wat woordkeuze en dergelijke betreft, maar ik
denk toch wel dat ik daar redelijk in slaag. En voor mij hoeft het eigenlijk niet
echt constant te zijn, niet constant werken aan die poëzie maar op een
projectmatige basis vind ik dat het best. Ik denk dat het tempo om eens in de
zoveel jaren een poëzieproject te organiseren een goede zaak is en dat je daar
in elk geval toch mee naar buiten kunt, je gevoelens kunt uiten, wat dat dan
ook verder mag inhouden.
Ik denk
dat poëzie een heel individueel gegeven is. Een weg waar soms de weg oneindig
veel belangrijker is dan het doel. En ik denk dat gedetineerden die weg nemen
met dezelfde motivatie als mensen daarbuiten. Dat gedetineerden ook nood hebben
aan een heel introspectief proces waar ze echt de weg gaan nemen naar zichzelf
toe, en aan de andere kant toch ook kunnen dromen en blijven dromen van die
einder die er altijd is. Poëzie in een gevangenis is voor elke gedetineerde wel
mogelijk en kan ook een deel van het leven innemen bij gedetineerden.
Waarschijnlijk kan het wel wat gestuurd worden door projecten zoals deze
wedstrijd en het bijbehorende boek. Het is eigenlijk een heel moeilijke vraag:
waarom schrijft een gedetineerde poëzie? Iemand met een gevoel voor taal, met
een gevoel voor de schoonheid van het leven zou die zin naar het zoeken naar de
schoonheid wel kunnen blijven behouden, ook hierbinnen. Ik denk dat er
eigenlijk geen belemmering is voor gedetineerden om poëzie te schrijven, te
lezen of te beleven.
(6 De
hemel boven het dak – Paul Verlaine / Luc)
Geen belemmering voor gedetineerden om
poëzie te schrijven! Een vorm van cultuurparticipatie voor een niet evident
publiek. Directeur Guido Verschueren:
Ik zie
die cultuurparticipatie als een onderdeel van een beleid dat erop gericht is
een zinvolle detentie na te streven. In die zin proberen wij het leven in de
gevangenis te vergelijken met het leven in de buitenwereld. In de buitenwereld,
waar mensen overdag vaak gaan werken en daarnaast heel veel vrije tijd hebben,
en men kan in die vrije tijd participeren aan een aantal initiatieven. Wel,
iets gelijkaardigs proberen wij binnen de muren van Leuven Centraal, waar
mensen ook overdag meestal tewerkgesteld worden, maar daarnaast is er uiteraard
heel veel vrije tijd: tijdens de avonduren, tijdens de weekends. Vandaar dat
ons beleid erop gericht is om een zo ruim en uitgebreid mogelijk aanbod van
activiteiten op vlak van sport, ontspanning, vorming en cultuur te realiseren.
In dat kader proberen we ook de minder toegankelijke, minder evidente zaken aan
bod te laten komen, zoals poëzie, poëziewedstrijden, literaire en culturele
voordrachten, pianoconcerten, precies met de bedoeling om mensen niet alleen
een zinvolle detentie aan te bieden, maar ook om op zoek te gaan naar nieuwere
thema’s die hen misschien nadien, als ze vrij zijn, zullen toelaten om ook op
die nieuwe terreinen actief te zijn.
Niet evident, zei ik daarstraks, maar toch
blijken die initiatieven succes te hebben!
Ja, dat
is het meest verrassende, hé, en dat geeft ook een bevestiging van ons beleid,
dat het belangrijk is om nieuwe kansen aan te reiken, om een stuk
grensverleggend te zijn … (tel.)
Tot zover nog Guido Verschueren, directeur
van Leuven Centraal. Daarvoor hoorde u Constance Vanden Wijngaert, Roger de
Neef en de gedetineerden Frank, Luc, Paul en Johan. De bundel “Openingen.
Gevangenisgedichten” mét bijbehorende dvd, gekozen en bezorgd door Benno
Barnard en Roger de Neef, is van Uitgeverij P, én is te koop in de goede
boekhandel.
Daarmee zijn we aan het eind van HVW.
Samenstelling en presentatie waren van FS. De tekst van dit programma kun je
bestellen bij de Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging, Lange Leemstraat 57, 2018
Antwerpen. Tel.: 03 233 70 32. En over enkele dagen vind je de tekst ook op www.h-vv.be.
Volgende week praten we met de Egyptische
schrijfster en feministe Nawal Al Sadaawi en is er ook een bijdrage van het WF.
Dit was het wat ons
betreft. Nog een goede avond en graag tot volgende week!
Muziek:
10” High Heels – Sakamoto Sakamoto 262975
6’ Openingen - SABAM 042009
|