Home arrow Onze Media arrow Radio/ Tv arrow Karel Van Bever - Beaufort 03
Karel Van Bever - Beaufort 03

 

HVW – Karel Van Bever – WF Beaufort 03

 

Opname:          07.05.09

Uitz.:                11.05.09

Samenst.:         KVD

Muziek:

 

30”       Tarantelle          J.K. Mertz         R. Smits           ACC 23158

 

Goedenavond luisteraar en welkom in HVW. Straks hebben we het, in een bijdrage van het WF, over “Beaufort 03”. Maar eerst een dokter in overall. Karel Van Bever is huisarts in de groepspraktijk van Geneeskunde voor het Volk in Zelzate. Maar toch besliste hij om in 2006 en 2007 negen maanden te gaan werken als arbeider. Waarom? Karel Van Bever:

 

Dat heeft voornamelijk te maken met enkele ervaringen die ik heb opgedaan toen ik mijn patiënten zag, de eerste twee, drie jaar dat ik als huisarts werkzaam was. Al heel snel werd duidelijk dat iemands gezondheid niet los kan worden gezien van zijn positie in de maatschappij. De meeste patiënten die ik verzorg, zijn arbeider in de fabrieken of bedrijven rond Zelzate. Ik kreeg geregeld verhalen van werkdruk, van onzekerheid, van flexibiliteit en de gevolgen die dat had op hun gezondheid. Bovendien zijn er de laatste jaren enkele studies verschenen die die link tussen arbeid en gezondheid ook illustreren, die aantonen dat onzekerheid en flexibiliteit een aantal negatieve gevolgen hebben voor de gezondheid. Dus ik wou graag eens met een medisch geschoolde blik registreren wat er gebeurt in een bedrijf, en de beste manier om dat te doen is door zelf in de huid van een arbeider te kruipen. Er is iemand die me dat heeft voorgedaan. De naam Günter Wallraff zal waarschijnlijk wel een belletje doen rinkelen. Die man heeft in Duitsland gelijkaardige zaken gedaan, maar mijn bedoeling was niet helemaal dezelfde. Ik was eigenlijk op zoek naar een representatieve ervaring, waarmee ik bedoel dat ik op zoek ging naar de best mogelijke job als Belgische jonge arbeider, terwijl Wallraff meer op zoek ging naar de jobs in de marginaliteit van de arbeidsmarkt als gastarbeider. Dat is een verschillende invalshoek die ik wel belangrijk vind. Ik wou eigenlijk de ervaring die ook mijn patiënten hebben zo goed mogelijk zelf meemaken.

 

De normale weg naar een job loopt vandaag via het uitzendbureau, schrijf je. Maar dat heeft zo zijn consequenties!

 

Zeker en vast! Ik heb kunnen ondervinden dat je als uitzendkracht, zeker in tijden dat er geen crisis is, vrij snel een job kunt vinden, maar dat je even snel die job weer kwijt bent. Het is een beetje een ervaring van een wegwerpwerknemer die ik heb gehad. Dus zolang als je gezond bent, je de goede mentaliteit en de goede wil hebt om werk te vinden, dan vind je wel vrij snel iets, maar als men daar niet tevreden is over jou, dan sta je even snel weer op straat. Ik werkte gedurende drie maanden met dagcontracten, wat in feite betekent dat je iedere dag opnieuw moest proberen jezelf te bewijzen, dat je iedere dag opnieuw moest aantonen dat het waard was om de volgende dag terug te komen. Dat zorgt voor een enorme onzekerheid, voor heel veel stress. Je mag geen enkele dag ziek zijn, geen offday hebben, of de kans bestaat dat je de volgende dag niet meer mag terugkomen. Een ander probleem is dat dat verregaande flexibiliteit mogelijk maakt. Mijn dagcontract vandaag kan de vroege shift zijn, het kan morgen de late shift zijn, en het kan de dag nadien de nachtshift zijn, of zelfs omgekeerd. Zo heb ik meegemaakt dat er na een late shift een vroege shift volgde. Normaal gezien is dat onmogelijk omdat er een wettelijke bepaling is die zegt dat je negen uur moet hebben tussen twee opeenvolgende shifts, maar doordat we met dagcontracten werkten, begon je telkens opnieuw met een nieuw contract, begon je dus telkens van nul. In die zin werd er dus met rusttijden of arbeidstijden een beetje nonchalant omgesprongen. Dat zorgt ervoor dat het erg vermoeiend is, dat het lichamelijk belastend is en dat onze biologische klok op de duur tilt begon te slaan. En het gevolg, niet zozeer voor de gezondheid maar wel voor het privéleven, is dat je eigenlijk helemaal niets meer kunt plannen op die manier. Bijvoorbeeld als je, zoals ik op dat moment, een zwangere vrouw hebt en je wilt dan samen eens graag naar de gynaecoloog gaan om de eerste echo’s van de baby te gaan zien, dan ben je bijna verplicht om een dag verlof te nemen, want je kunt anders onmogelijk een afspraak maken aangezien je niet weet of je die bepaalde dag de vroege of de late shift zult hebben. Dat weet je pas de dag op voorhand en de meeste gynaecologen vragen wel om wat langer op voorhand een afspraak te maken. Dus dat zijn allemaal kleine en grotere zaken, die het werken en het leven heel wat moeilijker maken als je via tijdelijke contracten en dagcontracten moet werken. Een bijkomend fenomeen is dat je als uitzendkracht in feite een tweederangsstatus hebt binnen het bedrijf. Dat betekent dat je bij tal van activiteiten niet wordt uitgenodigd, dat je door de vaste arbeiders, zeker in het begin, ook niet voor vol wordt aangezien. Hoe zouden ze jou ook voor vol kunnen aanzien, want voor zover zij weten, kun je de volgende dag alweer weg zijn. Dus heel vaak doen ze de moeite niet om een gesprek met jou aan te knopen om je beter te leren kennen. Pas als je het een aantal weken volhoudt,, om het zo te zeggen, groeit het geloof dat je misschien langer zult kunnen blijven, en dan beginnen ook de eerste gesprekken op gang te komen. In het begin heb je echt het gevoel dat je er daar een beetje bij loopt voor spek en bonen en om het vuile werk op te knappen. Een derde iets wat ik als uitzendkracht heb ondervonden, is dat je heel goed moet opletten of de verloning naar behoren is, dat ook een aantal zaken niet helemaal in orde zijn. Werkkleding bijvoorbeeld. In principe mag jou dat niets kosten, in principe moet de kwaliteit van die kleding hetzelfde zijn. In principe moet ook het loon en de verloning hetzelfde zijn als de vaste werknemer die hetzelfde werk doet, maar in de praktijk merk je dat dat niet altijd het geval is. Misschien een laatste ding nog: als uitzendkracht – en dat geldt voor alle uitzendkrachten, denk ik – is het heel moeilijk om aan leningen te geraken. Een huis of een wagen aankopen wordt plots heel wat moeilijker. Dus, als je al die dingen samen bekijkt, denk ik dat werken via een uitzendbureau zeker niet zo rooskleurig is als vaak wordt voorgesteld. Ik kan daarbij vermelden dat in 2006 een studie is gebeurd in Leuven, waarbij op zoek werd gegaan naar de reden waarom zoveel mensen de laatste tijd via uitzendkantoren werkten. De vraag werd dan gesteld: is dat omdat er bepaalde voordelen zijn verbonden aan het tijdelijk werken? Maar het antwoord was duidelijk: de mensen kiezen niet voor uitzendwerk omdat ze graag tijdelijk werken of graag van de ene job naar de andere gaan, maar de mensen raken alsmaar moeilijker aan een vaste job, en dit wordt door hen gezien als een opstap naar vast werk. Voor sommige uitzendkrachten is dat ook zo, maar een heel groot aantal van die mensen blijven heel lang in dit statuut hangen en dat is zeker niet hun ideaalbeeld.

 

Uiteindelijk kwam je bij Katoen Natie terecht, waar je met tal van chemische producten moest werken. Toch niet zonder risico, denk ik dan, zeker voor iemand zonder ervaring, zoals jij dus!

 

Ja, dat is zo! Van de meeste producten waarmee we werkten, waren we niet op de hoogte wat daarvan de gevolgen voor de gezondheid zijn. Er werd ons wel aangeraden om een maskertje te dragen en een stofpak en een stofbril en dergelijke, en dat heeft ermee te maken dat de blootstelling aan die producten beperkt moet zijn. Je staat in feite, als je met die poeders bezig bent, in een stofwolk en als je dat zomaar zou inademen, kan dat risicovol zijn. Probleem is dat soms van ons werd gevraagd om dubbele shifts te doen. Dat betekent dat je zestien uur per dag hetzelfde werk doet en dan gaan die blootstellingen natuurlijk soms boven de limieten die normaal worden vooropgesteld. Dus dat is in zekere zin een risico. Een ander feit is dat je als arbeider met dagcontract weinig informatie krijgt over veiligheidsmaatregelen en dergelijke. Daarvoor zou toch meer tijd uitgetrokken moeten worden, maar bij ons gebeurde het zo dat je zodra het tijd was om te beginnen, aan het werk werd gezet, zonder daar één woord uitleg bij te krijgen. Gevolg is dat er tamelijk wat arbeidsongevallen gebeuren. Dat heeft te maken met de hoge graad van uitzendarbeid, en ook met de lange werkdagen. Als je zestien uur per dag geconcentreerd moet blijven, is het niet echt voor iedereen weggelegd om dan geen fouten te maken.

 

Je zegt dubbele shift, daar zijn uiteraard heel veel risico’s mee gemoeid, maar kan dat zomaar? Ik bedoel: wettelijk gezien, kan dat zomaar?

 

Daar zijn discussies over. Als arbeider met dagcontract zou je kunnen verdedigen dat het kan omdat niemand je zal verbieden om verschillende contracten te tekenen als je dat wilt. Je kunt bijvoorbeeld in de voormiddag een contract tekenen bij werkgever A en in de namiddag bij werkgever B. Dat is jouw eigen beslissing. Nu tekenden wij dus twee dagcontracten op dezelfde dag. Dat is natuurlijk niet hetzelfde, maar strikt genomen zou dit door sommige mensen verdedigd worden. Nu, wat we zien, is dat ook de vaste arbeiders dubbele shifts deden. Voor hen is het duidelijk illegaal. Probleem is dat iedereen die bij Katoen Natie werkte – toch waar ik werkte – als uitzendkracht begonnen is. Zij zijn dus gewoon geraakt aan dat heel flexibele systeem met dubbele shifts, met wisselende vroege, late en nachtshifts, en zodra ze een vast contract krijgen, blijft dat in feite verdergaan. Het probleem is ook dat de vakbond geen voet aan de grond krijgt op dat bedrijf. Dat heeft met verschillende zaken te maken, maar daardoor hebben de mensen niet echt de informatie, zijn ze zich niet zo bewust van hun rechten en kunnen zulke zaken blijven bestaan.

 

Het loon is niet veel soeps, zeg je. Wat verdiende je als uitzendkracht?

 

Ik heb het eens uitgerekend. Ik ben gewoon mijn loon per maand te bekijken, en gemiddeld ging het over zo’n 1 280 euro per maand. Daarin zaten dan de verschillende shifts, de verschillende vergoedingen die je hebt als je met die producten werkt, de maaltijdcheques en de woon-werkvergoedingen. Dus een groot bedrag kun je dat zeker niet noemen. Als je dat per uur bekijkt, dan zat je ongeveer aan een brutoloon van 10,30 euro per uur. En voor een dagshift komt dat dan tussen zes en zeven euro per uur, netto.

 

Vanwege het soort arbeid en vanwege het statuut werk je veel samen met buitenlandse arbeiders. Hoe zit het met het racisme op de werkvloer?

 

Ik heb kunnen vaststellen dat er toch een belangrijke mate van racisme aanwezig is. Dat is niet altijd heel uitgesproken, maar je merkt wel dat er onderling een heel grote concurrentie is. Dat is niet alleen zo tussen verschillende etnische groepen, maar onder de gewone Belgen die daar werken, is dat ook het geval. Maar dat is nog iets heviger wanneer er mensen met een verschillende huidskleur bij zijn. Ik denk dat de verklaring daarvoor te vinden is in het feit dat je met dagcontracten werkt, in het feit dat iedereen het gevoel heeft van: ik moet hier beter presteren dan de man naast mij, want anders mag ik de volgende dag niet terugkomen. Op die manier wakker je dergelijke gevoelens ook wel aan. Het probleem was ook zo dat er bij de uitzendkrachten heel veel mensen met een kleurtje waren, om het zo te zeggen, maar wanneer je dan kijkt naar de mensen die een vast contract krijgen, dan was het toch wel duidelijk dat de mensen van bij ons meer kansen hadden. Ik heb als uitzendkracht heel veel met Turkse en Marokkaanse collega’s gewerkt, maar van hen heb ik eigenlijk niemand een vast contract zien krijgen, terwijl er toch wel een stuk of vijf mensen in die periode een vast contract hebben gekregen. Dat waren allemaal Belgen die dat toen kregen.

 

Tot zover nog Karel Van Bever. Zijn boek “Dokter in overall” is een uitgave van EPO en is te koop in de goede boekhandel. Zo dadelijk “Beaufort 03”, maar eerst muziek:

 

MUZIEK 

 

Muziek van Jef Neve. Die brengt ons bij de bijdrage van het WF over “Beaufort 03”. Daarvoor moeten we naar de kust …

 

Dat klopt, Frank, want “Beaufort 03” is het driejaarlijkse kunstparcours langs onze kust, gespreid over de tien Belgische badsteden. Dat is de buitententoonstelling “Beaufort outside”, maar er is ook “Beaufort inside”, een binnententoonstelling onder de titel “Herinneringen” in het Mu.Zee in Oostende, het vroegere PMMK. Op 6 juni heeft de ontmoetingsdag van het Willemsfonds in Oostende plaats en daarbij is onder meer een bezoek aan “Beaufort inside” gepland. Wij gingen alvast een kijkje nemen in Oostende en hadden een gesprek met Colette Castermans van Mu.Zee. Zij maakte ons terecht warm voor “Beaufort 03” van curator Phillip Van den Bossche.

 

‘Een heel mooi werk vind ik het werk van Aeneas Wilder in Westende. Het is een beetje oneerbiedig om het zo te noemen, maar ik noem dat een grote bijenkorf. Het is een houten constructie die hij zelf handmatig gebouwd heeft met twee helpers. En als je daar binnenkomt, heb je een bijna sacrale ervaring. Als je daar middenin staat. Ook de lichtinval is daar subliem. Maar dan heb je bijvoorbeeld Niek Kemps in Bredene. Die heeft daar een rood paviljoen midden in de duinen staan. Als je daar aankomt in de duinen, dan zie je in de verte een rood, rond paviljoen staan. En dan heb je, als je daar binnengaat, ook bijna de ervaring van in die ruimte te worden opgezogen.’

 

De persoonlijke voorkeur van Colette Castermans uit het hele palet van “Beaufort 03”. Een moeilijke keuze … Beaufort is u allicht niet onbekend, want het is reeds aan de derde editie toe. Dertig nationale en internationale kunstenaars tonen in de tien Belgische badsteden hun artistieke visie op de zee, het erfgoed, de bewoners en de geschiedenis. Van Jason Meadows en Marijke van Warmerdam over Niek Kemps en Mathilde Rosier tot Jan Vercruysse en Peter Rogiers. U kunt ze gaan bekijken en ervan genieten. Gratis en vrij toegankelijk. Maar wij praten verder met Colette Castermans over “Beaufort 03”. En uiteraard is de woordspeling u daarbij niet ontgaan. Toch is er meer …

 

Het communicatiebureau is bij het woord ‘Beaufort’ terechtgekomen omdat Beaufort naar de windkracht aan de kust verwijst, maar tegelijkertijd zit daar ook een spel in van kortere woorden. Men vindt daarin de woorden ‘beau’, ‘mooi’; ‘fort’, ‘sterk’; ‘eau’, ‘water’. En de ‘be’, dus de eerste twee letters, verwijzen naar België. Dus, daarbij een heel spel van woorden die dan naar dus de kracht, de uitstraling van “Beaufort” verwijzen. Naar het kunstevenement zelf.

 

“Beaufort”, al een beetje meer verduidelijkt nu, de derde versie had ik begrepen?

 

Het is de derde versie die dit jaar plaatsvindt. Curator van deze editie is Phillip Van den Bossche, de nieuwe directeur, conservator van het Mu.Zee in Oostende, het oude PMMK.

 

Eens eventjes bekijken: die curator is ook een beetje verantwoordelijk voor de keuze van het thema, dacht ik, hé? Is er hier sprake van een thema?

 

Phillip Van den Bossche, na jaren in Nederland te hebben gewoond, is werkelijk gefascineerd door de kust en ook de geschiedenis aan de kust, het kusterfgoed. Dit speelt een hoofdrol in het hele Beaufortverhaal. En dan is er ook een tweede lijn die gemakkelijk te herkennen valt, namelijk de lijn van de architectuur. Als je de hele kustlijn gaat aflopen, dan kun je wel hier en daar een kunstwerk vinden waar je in kunt gaan: een paviljoen, een kleine woning, … En dit refereert aan zijn voorliefde voor de architectuur.

 

Merk je het ook aan de plaatsing van bijvoorbeeld de kunstwerken?

 

Wanneer Phillip Van den Bossche op zoek is gegaan naar locaties in de kustgemeenten, is hij ook altijd naar specifieke, uitzonderlijke locaties gegaan. Om dit dan te linken aan zijn thema. In De Haan heb je het Zeepreventorium, dus iedereen kent wel het Zeepreventorium, de geschiedenis van het Zeepreventorium. Er is daar, wat weinig mensen weten, een tunnel die van het Zeepreventorium naar het strand leidt. Wel, de Brigada Ramona Parra heeft daar een oude schildering overschilderd. Ze heeft dat niet alleen gedaan, maar samen met de kindjes van het Zeepreventorium gedaan. Dus ze heeft dat samen met de lokale bevolking gedaan.

 

Dat was De Haan. Ik neem aan dat niet alleen De Haan meedoet, maar dat de meeste, om niet te zeggen alle badsteden meedoen?

 

Alle badsteden nemen deel. Er zijn er dus tien. Dus van De Panne tot Knokke-Heist, en in elke kustgemeente is er gekozen voor drie werken. Drie werken in de openlucht, gratis toegankelijk. Ik moet wel iets verduidelijken. In Middelkerke-Westende zijn er ook drie werken, maar men vindt er maar twee. Want het derde werk is in feite een vliegend werk. Het is een vliegtuigje dat overvliegt op bepaalde dagen en bepaalde uren met een opschrift van de Amerikaanse kunstenaar John Baldessari.

 

Ik kan mij inbeelden dat de badplaatsen hier aan onze kust toch wel vlug enthousiast zijn om daaraan mee te doen?

 

Toen wij in 2003 startten met het project, was het niet zo gemakkelijk om alle kustgemeenten mee over de streep te krijgen. Alle nieuwe projecten wekken een beetje argwaan op. Het is ook een duur project. Maar ik mag zeggen dat nu we aan de derde editie zijn, de kustgemeenten elke keer heel enthousiast al hun medewerking hebben toegezegd.

 

Op welke manier worden ze zelf betrokken bij de organisatie van “Beaufort”?

 

Eerst en vooral spelen zij ook financieel een heel belangrijke rol. Dus zij dragen bij tot het project. En natuurlijk, de keuze van de kunstenaars gebeurt door de curator zelf. Maar ze worden wel betrokken bij die keuze. Ze worden ook betrokken bij de locatiebepaling in hun gemeente. Dus het is altijd zo, als de kunstenaar op bezoek komt in de voorbereidingsperiode, dat er dan gesprekken zijn met de mensen uit de cultuursector, de toeristische sector, de politieke sector. Men gaat dan samen kijken waar men een werk het best kan plaatsen. Niet altijd een eenvoudige opdracht, want elke partij heeft wel zijn eigen wensen. Dus het is altijd een beetje nemen en geven …

 

Ten aanzien van de kunstenaars zelf? Want ik denk dat die misschien ontwerpen gaan maken die niet altijd gesmaakt worden …

 

Dit is zo. En we hebben een heel frappant voorbeeld ditmaal, namelijk de gevel van de Pool Kusmirowski. Het is een subliem werk. Subliem nagemaakt, in feite een namaakgevel. Maar het ziet er zo vervallen uit dat men in Blankenberge bang was dat men hen ging verwijten dat men monumenten zomaar laat verloederen. Blankenberge heeft heel heftig gereageerd, maar na enige tijd heeft men dan toch vastgesteld dat dit eerst en vooral een hele promotie is voor Blankenberge zelf, dus reacties heeft losgemaakt, dat er heel wat mensen over de vloer zijn gekomen in Blankenberge. Want mensen willen het echt zien. En dan ten tweede: men beseft toch ook dat met Kusmirowski een heel grote naam is binnengehaald. Dus die twee dingen samen maken van Blankenberge nu toch een gelukkige stad.

 

Blankenberge… Heel wat mensen waren al verrast door het kunstwerk dat daar gemaakt was. En zij vonden toch wel dat het niet helemaal paste. Zijn daar dan ook nog andere stappen ondernomen om te verduidelijken dat het om een kunstwerk gaat en dat het niet zomaar ergens een vervallen gevel is?

 

Ja, maar dan heb je dan weer dus de stem van de kunstenaar die daar naar voren komt. We hebben inderdaad op de gevel een plakkaatje aangebracht dat het een werk is thuishorend in het Beaufortverhaal. Dan heb je de kunstenaar die zegt: ‘God, ik wil dat niet. De mensen moeten verrast worden.’ Maar uiteindelijk heeft hij dan toch toegegeven en het bordje hangt er nog altijd.

 

Krijgen de kunstenaars dan carte blanche? Of moeten ze toch wel ergens rekening houden met een aantal afspraken vooraf?

 

Carte blanche krijgen ze zeker niet. Het is namelijk zo dat in de voorbereidingsfase Phillip Van den Bossche kunstenaars uitnodigt. Hij praat met hen. Hij licht ook zijn onderwerp of zijn thema toe. En dan gaan ze op zoek wat kan en wat niet kan. Dat is een deel in die voorbereidingsfase. Uiteraard is een ander belangrijk aspect het budget. Die kunstenaar moet ook binnen zijn budget werken. Dat is de taak van onze zakelijk directeur, namelijk Jan Moeyaert. En ook daar moet je weer ergens de gulden middenweg zoeken, want het artistieke rijmt niet altijd met het zakelijke aspect.

 

Maar het resultaat is er natuurlijk naar, hé. En dan is het waarschijnlijk ook echt wel de moeite waard om te gaan kijken? Maar kan het allemaal bijvoorbeeld op één dagje uit aan de kust?

 

Ik raad de mensen altijd aan om op een dag een keer naar de kust te komen, een x-aantal steden te doen, badsteden te doen. Is men langer hier, bijvoorbeeld gedurende drie dagen, dan kan men een driedagenpas van de tram aankopen. En dan gaat men met de tram van de ene kustgemeente naar de andere. Samen met een handig gidsje dat we hebben uitgegeven. Dat kan, maar op één dag “Beaufort” bezoeken is bijna een huzarenstukje. Dus ik zou zeggen: neem je tijd om “Beaufort” te bezoeken en kom nog een keer terug. Doe het in verschillende keren.

 

Het is niet altijd even goed weer aan de kust en soms is het misschien beter toch binnen te zijn. Dan kunnen ze ook naar de binnententoonstelling in Oostende zelf komen. Eens even vertellen wat daar momenteel te zien is.

 

Beaufort 03 bestaat uit twee luiken. Je hebt het buitenluik, “Beaufort outside”, maar wij hebben ook een binnenluik: “Beaufort inside” in Mu.Zee. Daar loopt op dit moment de tentoonstelling “Herinneringen - Kunstenaars aan de Belgische kust van 1830 tot 1958”. Daar zie je een overzicht van kunstenaars die zich hebben laten inspireren door de kust, door de Noordzee. Het gaat niet alleen over schilderijen en beeldhouwwerken, maar je vindt hier in de tentoonstelling een ongelooflijk rijk archief aan de hand van fotomateriaal, geluidsopnames. Ik denk maar aan Einstein die hier een tijdje in De Haan heeft gezeten. Er wordt ook aandacht besteed aan de joodse schrijvers die hier voor de oorlog hebben gezeten in Bredene en Oostende. Er is ook een luik over de frontsoldaten. In de jaren 1914-1918 was er hier een collectief van kunstenaarssoldaten in Nieuwpoort aanwezig. Ook dit wordt belicht, naast de meer bekende feiten zoals de aanwezigheid van Delvaux, van Magritte, van Mendelssohn enzovoort.

 

Colette Castermans van Mu.Zee over “Beaufort 03”. Met een buitententoonstelling in de tien badplaatsen en een binnententoonstelling in het Mu.Zee van Oostende. Er is ook een handige wandelgids en er werd een fietsroute uitgestippeld. “Beaufort 03” heeft een website. Daarvoor surft u naar beaufort03.be. De volgende ledendag van het WF heeft dus plaats in Oostende en bezoekt onder meer “Beaufort inside”. Voor nog meer informatie daarover kunt u terecht bij het WF zelf. Dat vindt u aan de Vrijdagmarkt 24-25 in Gent. Telefoneren kan er op het nummer 09 224 10 75. En uiteraard is er ook de website van het WF: willemsfonds.be.

 

Daarmee zijn we aan het eind van HVW. Samenstelling en presentatie waren van KVD en FS. De tekst van dit programma kun je bestellen bij de Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging, Lange Leemstraat 57, 2018 Antwerpen. Tel.: 03 233 70 32. En over enkele dagen vind je de tekst ook op www.h-vv.be.

Volgende week heeft KVD het over de leerstoel Théodore Verhaegen en is er ook een bijdrage van het VF.

Dit was het wat ons betreft. Nog een goede avond en graag tot volgende week!

 

Muziek:

10”       High Heels – Sakamoto                         Sakamoto                     262975

20”       Nobody is illegal – J. Neve                     J. Neve                         1708963

 

 

 

Valide CSS!