|
HVW -
HVR
Uitz.: 02.03.09
Opn.: 26.02.09
Real.: Frank Stappaerts
Jaap Kruithof overleden
Beginindicatief
--
Goedenavond luisteraar en welkom in HVW. Vorige woensdag, 25 februari, overleed
Jaap Kruithof. Hij was 79 jaar en als pionier van het vrijzinnig humanisme in
Vlaanderen uiteraard ook een graag geziene gast in deze uitzending. Langs deze
weg willen we dan ook ons medeleven betonen aan de familie en aan allen die hem
liefhadden.
Straks praten we met Rik Pinxten, voorzitter van de HVV, over de mens, over het
verlies én over de uitzonderlijke betekenis van Jaap Kruithof. Maar eerst laten
we Kruithof nog eens zelf aan het woord. Daarvoor putten we uit twee bijdragen
van KVD uit 2007: een van net voor hij de Prijs Vrijzinnig Humanisme kreeg, en
een van op de uitreiking zelf. Jaap Kruithof:
--
Ik heb in 2001 een boek geschreven over het humanisme, en als ik dat nu bekijk
in 2007, dan zeg ik bij mezelf: compleet verouderd. Ik zeg niet dat het niets
waard is, maar het is verouderd. De wereld is nu zeer snel aan het veranderen,
vooral door de opmars van de multiculturaliteit en er is een wijziging die
allerlei problemen meebrengt. Daardoor heb ik gedacht: als ik die prijs krijg,
dan ga ik eens proberen toch een stevig betoog te houden over de basisproblemen
van het humanisme in de nabije toekomst, laten we zeggen de eerste tien jaar.
--
Ik ben een hartstochtelijk tegenstander van de verzuiling en ik ben bang dat
het humanisme zijn kracht zou kunnen verliezen in de toekomst doordat het ook,
net zoals de kerk, veel te veel verzuild raakt. Er zijn dus een aantal dingen
die we niet apart moeten doen. Wij hebben wel onze identiteit, onze vrijzinnige
identiteit. Ik vecht ervoor om die heel sterk uit te bouwen, want wij denken
over allerlei zaken anders dan katholieken, protestanten en islamieten. Dat
mogen we uitbouwen. Maar moeten we daarvoor altijd eigen organisaties hebben of
moeten we een actief pluralisme gaan bedrijven, zoals Pinxten in zijn laatste
publicaties sterk bepleit? Ik voel daar eigenlijk ook heel veel voor. We moeten
niet denken dat we alles moeten verzuilen.
Als je ouder wordt, dan denk je natuurlijk veel aan het verleden. In de jaren
omstreeks '65 was er een groep vrijzinnigen - humanisten waren daarbij - die
het hele onderwijs wilde revolutioneren. De thesis was: het onderwijs moet uit
de verzuiling. Ik was daar een geweldig voorstander van. Wilfried Martens zat
ook in die denkgroep, net zoals Jean-Luc Dehaene. En ze deden allemaal mee en
we hadden het idee om de onderwijsnetten af te schaffen, weg. Er komt één net,
een gemeenschapsnet. Dus het katholieke privénet, het particuliere net moet
verdwijnen. En tot onze verwondering voelden Martens en Dehaene daar ook iets
voor. En we zeiden: maar dan krijgen we gemeenschapsonderwijs waarin natuurlijk
protestanten, boeddhisten en weet ik wat allemaal zitten, en we kunnen dat niet
neutraal houden, dat kan niet. Dus een leraar mag zijn eigen mening geven, hij
moet het wel serieus doen, er moet wel een debat zijn, er moet een controle
zijn van andere mensen, iedereen mag dat doen, maar we gaan ophouden met alles
neutraal te organiseren. Mensen zijn niet authentiek als je ze neutraal maakt.
Zij hebben opinies en moeten daarvoor uitkomen. Ik vond dat een schitterend
project. Er is niets van gekomen, de CVP heeft dat afgeschoten. Nu weer, ik
hoor voortdurend in de katholieke scholen dat tien tot vijftien procent van de
leraars nog overtuigd katholiek is. En dat krijgt maar geld van de staat en dat
organiseert zich en dat heeft nu 75% van het middelbaar onderwijs in handen.
Ja, ja, jongens, zullen we zo doorgaan? Als er maar vijftien procent leraars
nog voor durft uit te komen dat ze katholiek zijn. Wat is dit voor een soort
onderwijs, dat katholieke onderwijs? Dat verliest zijn eigenheid, en dan is het
hoog tijd om het af te schaffen. Dit klinkt heel brutaal, wat ik zeg. De
verzuiling van de geesten in het onderwijs, ik ben daartegen.
Wij hebben een grote taak. We zitten in een maatschappij die veel te neutraal
is. Ten eerste hebben wij het recht om vrijzinnig te zijn. Ten tweede, als we
vrijzinnig zijn, dan zijn we voor wetenschap, voor vrij onderzoek. Ten derde
hebben we de wind mee, want de wetenschap geeft ons op heel veel punten gelijk
en het is juist de kerk, ook de protestantse kerk, die in het nauw gedreven
wordt. Want deze mensen zitten met sprookjes en ik kan met de wetenschap
aantonen dat het sprookjes zijn. Ik geef u een voorbeeld: Finkelstein, een van
de grootste archeologen van Jeruzalem, van de joden, heeft een boek geschreven
over het Oude Testament en hij heeft gezegd dat het voor 75% sprookjes zijn. We
weten zelfs niet of Abraham geleefd heeft, dat kunnen we niet bewijzen met al
onze opgravingen. En David idem dito. Dat zijn mythische figuren. Die hebben
waarschijnlijk niet bestaan. Wat leren ze nu in het jodendom en in het
christendom? Die verhalen zijn allemaal reëel, zeg! Wij hebben daar een
geweldig voordeel, hé. Elke dag doen ze nieuwe ontdekkingen en elke dag wordt
het belachelijker om die waarheid van de Bijbel letterlijk op te vatten. Je
weet, ik kom zelf uit die kring. Ik ken die Bijbel goed. Het is niet te geloven
wat een onzin er in die Bijbel staat, hé. Laten we het nu maar eens brutaal
uitdrukken. En dat gaat maar door. En met de plechtige communie worden al die
sprookjes ingeprent, en die leraars zelf geloven het niet meer.
Kijk, er is een moeilijkheid: aan de ene kant ben ik een hartstochtelijk
voorstander van pluralisme en tolerantie. Je kunt mensen niet dwingen in hun
overtuigingen. Je moet er dus respect voor hebben, hoe zot dat ook is. Ik ben
tegen de cartoons van Mohammed, want die vernederen die mensen. Je moet mensen
nooit bekeren via vernedering. Je moet ze niet uitschelden.
Wij zijn ook eeuwenlang achterlijk geweest. Ze hebben ons ook verplicht. Wij
hebben het geluk, in het Westen, dat we een eeuw of twee voorliggen op andere
beschavingen van de wereld, in dat opzicht. Dat klinkt pretentieus, maar dat is
een feit. Maar we moeten niet pretentieus worden omdat wij per ongeluk
historisch de eersten geweest zijn. Onze verlichting heeft ons genezen van die
onzin. Zij hebben ook een verlichting gehad bij de Arabieren, in de twaalfde en
dertiende eeuw, maar die is mislukt. Maar zij zullen het nu ook hebben. Ik zie
het bij die Marokkaanse vrouwen. Die zijn ook aan het evolueren, maar je moet
daar een beetje geduld mee hebben. Je kunt dat niet dwingen. Mijn ouders waren orthodox-protestants
en konden mij niet dwingen om hetzelfde te worden. Een mens heeft zijn
vrijheid. Dat vergt tijd en geduld!
Ik ben erg beïnvloed door een boek van Margalit over vernederen. Het is een van
de zwaarste dingen die je kunt doen in het leven, dat is een ander mens diep
vernederen. Als ik wat ik hier nu zeg en denk dat ik moet zeggen, tegen een
katholiek privé zeg: maar mevrouw, gelooft u nog in die onzin?, dan beledig ik
die vrouw ongelooflijk. Dat moet ik niet doen, want die krijgt een wrok tegen
mij omdat ik haar zo op haar ziel getrapt heb. En zo zijn wij allemaal.
Margalit zegt: hou daarmee op, met mensen te vernederen. Dus als ik nu een heel
rare, achterlijke protestant tegenkom, dan probeer ik het niet te doen. Ik denk
bij mezelf wel: wat is dit een achterlijk denken. Maar ik zeg niet: je bent zo
achterlijk! Daar kan niemand tegen. Iedereen is kwetsbaar. Ik ben soms ook
achterlijk. Iedereen is soms achterlijk. We moeten ons tolerant en beleefd
opstellen, en mensen niet vernederen. We moeten een edele moraal hanteren, geen
scheldmoraal. Neen, ik ben daar niet voor.
Ik zou toch mezelf geen pessimist noemen. Ik denk dat er nog grote kansen zijn.
Maar er zijn op het ogenblik een aantal dingen die slecht gaan, waar ik niet
van slaap. Dat is dat het Amerikaanse imperialisme, wat een feit is sinds '45,
eerst tegengehouden door Rusland, maar sinds '90 niet meer tegengehouden door
Rusland. Dat Amerikaanse imperialisme beheerst de hele wereld. Europa schijnt
dat niet te willen zien, maar dat is een feit. En dat kan niet blijven duren.
We zien ook al het einde van dat imperialisme. Nu in Irak zie je de ommezwaai.
Dat begint te kantelen. Amerika kan dat niet blijven betalen. Er komt dus een
opmars van nieuwe machtige naties, China en India met name. Je ziet, over
vijftien à twintig jaar zullen de Verenigde Staten hun grote macht verliezen.
Daar ben ik doodsbenauwd voor. Want het zou weleens kunnen dat er daar lieden
zijn die daar een atoomoorlog voor overhebben om de macht te blijven behouden.
Ze zijn nu een schild aan het maken in Oost-Europa. Je moet heus niet denken
dat de Amerikanen zo'n vriendelijke natie zijn. Volgens mij hebben ze veel te
veel macht in de wereld en zouden ze weleens een atoomoorlog kunnen voeren. Je
ziet het al met Iran. Als de Chinezen de baas worden in de wereld, of de
Indiërs, en de jongste berichten wijzen uit dat de Indiërs en de Chinezen
handelsakkoorden gesloten hebben en dat ze dus samen zullen optreden tegen de
Verenigde Staten. En dat duurt vijftien jaar. Maar de Verenigde Staten zullen
dat misschien niet kunnen dulden. Daar ben ik erg bang voor!
--
Ik ben daar eigenlijk heel dankbaar voor. Ik vind het een buitengewoon
vriendelijke geste. Ik heb vroeger eens een keer gezegd dat ik medailles,
prijzen, allerlei gewichtigheden, dat ik dat eigenlijk niet zou willen in mijn
leven. Maar ja, ik geloof dat ik toen 25 jaar was. Ik doelde eigenlijk meer op
die medailles die je krijgt als assistent, professor, en ook andere beroepen
natuurlijk, en dan ben je zo, laten we zeggen, dertig en dan begin je aan één.
En dan begin je te hopen dat je vlug je dertigste bereikt. Dan kijk je vooral
naar de collega's, hoever die al staan. Aan dat soort dingen heb ik een
gruwelijke hekel. Ik vind dat er ook veel dingen mislopen met prijzen. Mensen die
altijd prijzen krijgen, anderen die er nooit krijgen. Maar met deze bijzondere
prijs, volgens mij is dat een uiting van waardering. En daar ben ik heel heel
dankbaar voor!
--
Ik bedank het bestuur van de HVV voor deze tweejaarlijkse prijs. Het is een blijk
van waardering en respect. Ik ben er erg gevoelig voor. Voor mij is het een
grote eer in het gezelschap te vertoeven van eminente intellectuelen als Leo
Apostel en Hubert Dethier, die deze prijs ook mochten ontvangen. Als 77-jarige
vrijzinnige linkse humanist ben ik gemarkeerd door het leven. Waardoor ben ik
getekend?
Waardoor ben ik getekend? Jaap Kruithof in zijn dankwoord voor de Prijs
Vrijzinnig Humanisme in 2007. En dan zou het Jaap Kruithof niet zijn mocht hij
bij die gelegenheid niet zijn verontwaardiging uitgesproken hebben over de
recente gebeurtenissen in het Nabije Oosten. Kruithof ten voeten uit dus! Met
zelfs bij zijn viering nog meer oog voor onrecht in de wereld.
En dan was er de receptie, en daar vroegen we enkelen van de gasten naar een
reactie op de winnaar en u hoort dan nog even Freddy Mortier, Johan Braeckman,
Sonja Eggerickx en Hubert Dethier.
Wat hem tot een uitzonderlijk iemand maakt: een rebelse, compromisloze houding
ten overstaan van zeg maar alles wat te maken heeft met het establishment,
alles wat te maken heeft met gevestigde waarden. Ik vind het iemand die zijn
standpunten altijd compromisloos naar voren brengt. Dat siert hem wel!
Jaap, zoals iedereen weet die hem gekend heeft of nu nog kent, is een zeer
begeesterd spreker. Je bent het lang niet altijd met hem eens, maar hij dwingt
je steeds om je te positioneren tegenover wat hij zegt.
Dus voor mij, toen ik 18, 19, 20 jaar was, was dat buitengewoon inspirerend en
vaak ook confronterend. De thema’s uit die lessen en uit die boeken van toen,
ik mag gerust zeggen dat die mij tot op de dag van vandaag bezighouden!
Ik ben heel blij, het is ook mijn oud-prof van aan de universiteit van Gent van
toen ik moraalwetenschappen studeerde. Ik heb altijd een beetje een
eigenaardige, nou ja, ik ben altijd een beetje bang geweest van Kruithof. Maar
anderzijds zie ik hem ontzettend graag. Hij heeft toch heel veel betekend voor
mijn ontwikkeling, als vrijzinnige ook. Ach, hij was zo streng, hij keek altijd
zo streng!
Als ik besef dat ik de prijs tien jaar geleden gekregen heb, heb ik zowat de
indruk van een indringer geweest te zijn en het Jaap Kruithof belet te hebben,
want hij had het al tien jaar geleden moeten worden. Maar uiteindelijk ja,
uitstekend dat hij erbij is. Het is toch wel een prijswinnaar met een
uitzonderlijke dimensie. Hij heeft ook vandaag in zijn prachtige rede het
humanisme in een wereldcontext geplaatst. Dat is vroeger nooit gebeurd. Hij
heeft het humanisme ook geplaatst in de context van het politieke engagement en
de politieke bewustwording. Dat heeft misschien wel te veel ontbroken in de
tijd!
--
Een sfeerbeeld van op de uitreiking van de Prijs Vrijzinnig Humanisme aan Jaap
Kruithof, nu bijna twee jaar geleden. Rik Pinxten, met Jaap Kruithof, is niet
alleen een pionier van het vrijzinnig humanisme in Vlaanderen gestorven, maar
ook een vriend. De harde, confronterende debater was ook een warme en charmante
man!
Dat is zeer zeker zo. Ik heb zelf het voorrecht gehad om hem toch de laatste
jaren beter te leren kennen, en ik denk ook als vriend te leren kennen. Hij was
een mens aan wie niets menselijks vreemd was, zal ik maar zeggen, een enorme
zoeker, ik bedoel met een soort van onverbiddelijke eerlijkheid die soms zeer
confronterend overkwam natuurlijk, maar die eigenlijk echt diepgemeend en nobel
was. Dat betekent dat als hij dichterbij kwam - wat voor hem ook niet makkelijk
was, hij was niet zo’n heel vlotte man wat intimiteit betreft, denk ik, en
andere mensen die dat gezegd hebben zo -, maar als hij dan dichter komt, dan
heb je inderdaad een zeer warme, zeer gevoelige mens met zeer diepe twijfels,
maar waar hij zeer voorzichtig en respectvol op afging. Iets wat ik vorige week
op de radio gezegd heb en wat mij toch wel echt van het hart moet, is dat hij
inderdaad ook zeer smakelijk kon lachen. Nu, dat op zichzelf vind ik een heel
belangrijke menselijke eigenschap. Ik bedoel: ik ben een beetje bang van mensen
die niet kunnen lachen, die een soort van kartonnen gezicht hebben. Maar bij
hem is dat natuurlijk wel opvallend. Je hebt inderdaad die enorme gedrevenheid
en die bijzonder scherpe geest die onverbiddelijk is als hij je op onjuistheden
of op gefoefel in je denken betrapt. Maar tegelijkertijd dat lachen, wat toch
wel een heel milde, relativerende houding geeft. Zeggen dat het heel mooie
laatste ervaringen geweest zijn, wat mij betreft in alle geval, met Jaap.
Kruithof, als hoogleraar, als auteur ook, als publiek figuur, heeft heel wat
mensen geïnspireerd. Wat was het eigene van zijn visie op het humanisme?
Het is moeilijk om dat in een paar woorden te zeggen, maar ik zou dat aan de
hand van enkele boeken willen duiden. Eerst en vooral heb je daar in de jaren
tachtig, als ik me niet vergis, de twee boeken "Arbeid en lust",
waarin je dus een voorstel krijgt - hij is dat altijd trouw gebleven, ik denk
terecht -, een belangrijk moreel of ethisch perspectief van: kijk, arbeid is op
zich een heel waardevolle manier van inzetten, van leven. Arbeid is dus niet
alleen wat je moet doen om genoeg geld te hebben om te
consumeren, wat dus in de neoliberale tendens natuurlijk wel het geval geworden
is. Je bestaat maar als je kunt consumeren en daarvoor moet je nu eenmaal
werken. Neen, arbeid is dus, eigenlijk klassiek-marxistisch, een nobele manier
van de mens om zichzelf, zijn eigen capaciteiten uit te werken, om de natuur op
een andere manier te behandelen, te benaderen enzovoort. Ik denk dat dat een
belangrijke klemtoon was, want dat is voor een deel mensvisie, voor een deel
humanisme ook. Dan krijg je natuurlijk met "Mens aan de grens" een
bijna profetische stelling dat wij niet alleen zijn, eerst en vooral, ook niet
eigenlijk onszelf als maat van alle dingen absoluut kunnen stellen, waarmee hij
natuurlijk weer eens in aanvaring komt met de oudtestamentische en nieuwtestamentische
mensopvatting, die eigenlijk toch wel diegene is die boven de natuur staat en
die een soort van ideale parkwachter is, die zijn gang mag gaan, hij is toch
van een hoger niveau zo. In dat boek onder andere krijg je die duidelijke
oproep voor een brede, niet-antropocentrische, dus ecocentrische als je wilt en
bovendien natuurlijk sterk ecologische visie op humanisme, of een uitnodiging
om humanisme ecologisch te gaan verbreden, te gaan herdenken. Dat is hem voor
een deel kwalijk genomen toen. Als je dat nu bekijkt, dan had hij natuurlijk
overschot van gelijk. Nu kunnen we dat niet meer ontwijken. Nu zal er nog een
zonderling zeggen dat we niet ecologisch moeten denken, gewoon vanwege het feit
dat, als we het niet zouden doen, het dan vijf voor twaalf is, dan stikken we
allemaal. Maar hij was daar toen al mee bezig en heeft dat dus proberen aan te
zetten als je moet je humanisme verbreden. Dat is ook voor een stuk, letterlijk
heel concreet opgepikt door het HV, omdat men dus een regel heeft toegevoegd in
de missie, zal ik maar zeggen, waarbij de verwijzing is naar die ecologische
dimensie. Dat heeft ook op dat niveau of in onze vereniging, zal ik maar
zeggen, toch wel effect gehad, hoewel men hem dat kwalijk nam. Het
antropocentrisme verlaten is nogal wat, dat was taboe zo. En ik denk in derde
instantie natuurlijk - en dat wordt nog politieker in zekere zin - is er zijn
boek van 2000 over neoliberalisme, dat toch wel een heel grote leeskring
gevonden heeft, waarin hij natuurlijk toch ook vanuit een diep gevoeld -
tegelijk ecologisch trouwens - humanisme zegt: dit is een verkeerde ideologie.
Dat is zo erg, dat is de mens zo reduceren, dat is ontmenselijkend, wat hem
natuurlijk ook opnieuw - luister naar de pers van vandaag, hé - gecatalogeerd
heeft als een echt altijd absoluut linkse denker. Ja, neen, humanist, hé. Ik
bedoel: als je je moet onderschikken aan een heel smalle interpretatie van
slechts één economisch stelsel, en de hele mensvisie moet van daaruit gedacht
worden, dan heb je een economisme, dat is een ideologie, dan ben je dus als
humanist bijna noodzakelijk uitgenodigd om in het verweer te gaan tegen zo’n
reductie.
Hij deed dat dus, maar opnieuw werd er dan zo gezegd: ja ja, dat is nog oude
linkse praat en zo.
Neen, dat is een vrij fundamentele kritiek die hij daar al gemaakt had. Dus ik
denk dat die drie punten eigenlijk - enfin, voor mij in elk geval, je kunt er
nog wel vermelden, denk ik, hoor - punten zijn waar hij geprobeerd heeft om dat
humanisme te herdenken, te verbreden, en daar zit natuurlijk evident een strijd
in tegen kerken als sociologische instituties die staan voor een bepaald
privilege, voor een bepaalde macht enzovoort. Maar dit is slechts een
noodzakelijk randverschijnsel, zal ik maar zeggen. Dat is niet tegen religie of
zoiets. Dat is wel voor een menswaardiger bestaan en dan kom je natuurlijk
machtscenakels tegen. Maar dat is niet de enige betekenis van de humanist,
enfin. Wat vaak ook weer slecht begrepen is. Waar men dan zegt: ja, maar je
bent dan niet meer tegen het geloof, of tegen de kerk, of … Ja, natuurlijk wel,
maar slechts in de mate dat zij natuurlijk instrumenteel zijn voor privilegies,
voor machtscenakels enzovoort. Niet als vereniging op zich, als ze met je mee
zijn, zijn ze met je mee. Maar in de praktijk zijn ze natuurlijk vaak tegen.
Nu zaterdag, in Gent, is de uitvaartplechtigheid!
Ja, in overleg met de familie heeft men dan gekozen, men zocht een grote zaal
omdat men toch wel veel volk verwacht. Ik hoop effectief ook dat een aantal van
de luisteraars zullen komen, dus men heeft gezocht naar een grote zaal. Het is
uiteindelijk het rouwcentrum, zal ik het maar noemen, de begraafplaats van
Lochristi geworden waar we tot ongeveer duizend mensen zouden kunnen ontvangen,
zaterdag om halftwaalf. Dat is Lochristi, Westlede, zo heet die begraafplaats.
Tot zover nog Rik Pinxten, naar aanleiding van het overlijden van Jaap Kruithof
vorige woensdag.
Daarmee zijn we aan het eind van HVW. Samenstelling en presentatie waren van
FS. De tekst van dit programma kun je bestellen bij de Humanistisch-Vrijzinnige
Vereniging, Lange Leemstraat 57, 2018 Antwerpen. Tel.: 03 233 70 32. En over
enkele dagen vind je de tekst ook op http://www.h-vv.be.
Volgende week zijn we er weer en dan heeft KVD het over sociaal darwinisme en
is er ook een bijdrage van het WF.
Dit was het wat ons betreft. Nog een goede avond en graag tot volgende week!
Muziek:
10" / High Heels / Sakamoto / Sakamoto / 262975
|