| Elchardus De Vreemden - WF Blauwe Wandeling |
|
HVW Elchardus “De
Vreemden” / WF Blauwe Wandeling
Opname: 11.03.10
Uitz.: 15.03.10
Samenst.: KVD
Muziek:
10” Signe E. Clapton E. Clapton 9 45024-2
2’00” I feel
alive in the city SKC Zita Swoon BCITY500
30” Adagio F dur, KV 410 W.A. Mozart Wiener Volksoper 0015
1’10” Bride
of theme from blinking lights Everett Eels 00601091042322
Goedenavond en welkom bij HVW, met daarin
aandacht voor “De Vreemden” van Mark Elchardus en Jessy Siongers.
FS had er een gesprek over met Mark Elchardus. Maar er is ook een bijdrage van
het WF. Dat gaat weldra samen op stap met LVSV, het Liberaal Vlaams StudentenVerbond.
De Blauwe Wandeling is hun gezamenlijk initiatief én een unieke gelegenheid om
verborgen hoekjes van het blauwe, zeg maar liberale, Gent te bezoeken. Straks
meer daarover, want we beginnen met Mark Elchardus en “De Vreemden”. Tja Frank,
het boek wordt aangekondigd als een cultuursociologische benadering van
etnocentrisme, hé?
Dat is het inderdaad, Karel, onderzoek in de
beste traditie van
Om twee redenen. De
eerste is omdat we denken dat dat de juiste term is, want al die andere termen
hebben elk een periode van modieus-zijn gekend. Geen enkele van die termen is
eigenlijk gepast. Het gaat niet om mensen die recent geïmmigreerd zijn of die
van plan zijn nog eens te migreren. Het gaat in vele gevallen over jongeren die
hier voor de tweede of derde generatie zitten, en dikwijls zijn het ook die
jongeren waar onze samenleving problemen mee heeft. Het zijn ook geen
allochtonen, hé! Ze zijn hier geboren. Een niet onaardig aantal van hen al
minstens evenveel generaties als ons koningshuis. Dus ik vond die term niet
geschikt. De term “vreemde” is wel geschikt, want eigenlijk: waarom hebben
zoveel mensen in onze samenleving toch problemen met die groepen die we zo
aanduiden? Wel, gewoon omdat ze vreemd zijn. Daarbij kwam nog een andere reden.
Het woord “vreemde” gebruiken is een beetje provocerend, dat wilden we ook
doen. Ik denk dat iedereen er baat bij heeft om over deze problematiek te
spreken zonder al te veel politieke correctheid, of toch geen misplaatste
politieke correctheid.
Wat vreemd is, wie vreemd is, is
uiteindelijk een constructie, iets wat gemaakt is. De laatste tijd zien we toch
wel een toename van het islamiseren van de ander, van die vreemde!
Absoluut, en voor
mij is dat een van de zorgwekkende ontwikkelingen. Men zoekt als het ware
opnieuw een koepel voor een aantal mensen die men als vreemd beschouwt, en men
meent dan ook meteen te kunnen zeggen wat de oorzaak is van alle problemen met
hen, en in dit geval is dat dan de islam. Ik vind dat een zeer gevaarlijke
ontwikkeling omdat het alle kenmerken heeft van eender welk etnocentrisme of
racisme. Het is een ontoelaatbare veralgemening. Het is ook een manier om de
islam zelf op een wat verkeerde manier voor te stellen, of dikwijls op een heel
verkeerde manier voor te stellen. Het is een afwijken van onze traditie van
tolerantie. Dus ik vind het een gevaarlijke ontwikkeling, temeer daar heel wat
intellectuelen er eigenlijk ook wel bij betrokken zijn. Men kan wel begrijpen
dat mensen angst hebben, dat mensen bevreesd zijn voor sommige religieuze
reacties die ons atavistisch lijken, waarvan we dachten dat we er compleet aan
voorbij waren, maar de juiste reactie daarop is niet door een hele
geloofsgemeenschap af te sc
In het boek zoek je naar verklaringen voor
onze angst voor vreemden. Hoe komen we aan die angst?
Wel, er zijn
verschillende theorieën, hé! Dat is natuurlijk een van de inzetten van het
boek, om na te gaan welke nu de verklaringen zijn die blijken stand te houden
als men op een aantal jaren onderzoek terugblikt. Dan zijn er twee waarvan wij
denken dat ze kunnen worden verworpen. Eén verklaring voor etnocentrisme,
racisme of etnische vooroordelen was dat dat ingegeven was door een soort
competitie. Mensen die de competitie voor jobs, voor sociale zekerheid, voor
respect ervaren van minderheidsgroepen, die gaan etnische vooroordelen
gebruiken om die minderheidsgroepen in een ongunstige positie te duwen en uit
de competitie uit te sluiten. Die verklaring, als ze degelijk wordt onderzocht,
blijkt niet stand te houden, dat klopt niet. Een andere verklaring zoekt men in
de persoonlijkheid van mensen. Men gaat er dan van uit dat sommige mensen een
autoritaire persoonlijkheid hebben en dat mensen met zo’n persoonlijkheid veel
vatbaarder zijn voor etnocentrische gevoelens of voor racisme. De evidentie
daarvoor is iets beter dan voor die competitiethese, maar eigenlijk ook nog
maar heel zwak. Waar we het meeste bevestiging voor vinden, is een visie dat
etnocentrisme toch in grote mate een soort verwerking van de eigen
kwetsbaarheid is, van een eigen zwakke positie, van het gevoel dat men
onvoldoende respect krijgt, het gevoel dat men behoort tot de groep waarop
neergekeken wordt. Zulke mensen gaan die gevoelens, die kwetsbaarheid, op een
of andere manier moeten verwerken, en het resultaat van de manier waarop ze dat
doen, is dikwijls dat etnische vooroordeel.
De vraag blijft dan natuurlijk: hoe kom je
aan dat etnische vooroordeel? Is het iets wat groeit in het gezin, wat met de
moedermelk wordt meegegeven, is het iets wat dan aangeleerd wordt op school?
Of, de grote schuldige misschien, de media?
Wel, wat ik daarnet
zei, het verwerken van die kwetsbaarheid, als we kijken naar onze samenleving,
dan zien we dat er een drietal manieren zijn die heel belangrijk zijn in het
verwerken van die kwetsbaarheid. De eerste is dat mensen zeggen: ja, ik voel me
zo’n beetje kwetsbaar, wat zou dat kunnen zijn? Dat ze zeggen: ha ja, dat is
criminaliteit. Ik voel me in feite bedreigd door criminaliteit. En die dreiging
van criminaliteit, dat zijn toch vooral de vreemden die dat doen. Of: ik voel
me eigenlijk een beetje sociaal achtergesteld, ik voel me sociaal onzeker, hoe
komt dat? Wel, dat komt omdat er te veel gefraudeerd wordt in ons
zekerheidssysteem, dat het geld niet terechtkomt bij wie het moet terechtkomen.
En wie zijn de grote fraudeurs? Dat zijn de vreemden, dat weet iedereen, die
hebben twintig kinderen en leven rijkelijk van het kindergeld, enzovoort
enzovoort. En het derde verhaal is van: ja, ik voel me kwetsbaar en eigenlijk
is dat… Mensen zoals ik, daar wordt op neergekeken, daar wordt onvoldoende voor
gedaan. Kijk maar rond, in heel veel buurten, men doet daar veel meer voor de
vreemden dan voor ons, dan voor het eigen volk. En mensen die natuurlijk
kwetsbaar zijn, gaan die verhalen over een grote bedreiging door criminaliteit,
een grote bedreiging door sociale fraude, een grote achteruitstelling tegenover
anderen, die verhalen veel gretiger geloven en aanvaarden en gaan dat koppelen
aan de aanwezigheid van vreemden en vinden daarin een verantwoording voor hun
negatieve gevoelens tegenover vreemden. Dus niet alleen de manier waarop ze tot
die gevoelens komen, maar meteen, het verhaal dat ze zichzelf vertellen,
verantwoordt die gevoelens ook. Dan rijst natuurlijk de vraag: waar worden die
verhalen verteld? En dan moet men zeer genuanceerd zijn. Elk van die verhalen
heeft een grond van waarheid. Geen enkel van die drie verhalen is puur uit de
lucht gegrepen. Ze hebben een grond van waarheid. Alleen worden ze op een
ontoelaatbare manier veralgemeend. En die veralgemening, waar komt die tot
stand? Wel, die komt tot stand binnen de buurt, in gezinnen, in cafés, waar
mensen die dingen aan elkaar vertellen, maar natuurlijk ook – en u noemde het
al – in de media. Vandaar dat we zien dat, naast de kwetsbaarheid als dusdanig,
het mediagebruik een belangrijke factor is in de verspreiding van die gevoelens
omdat langs daar die verhalen gevehiculeerd en verspreid worden.
Etnocentrisme is een stoorzender voor een
gezonde, evenwichtige samenleving. Het komt er dus op aan het etnocentrisme
niet te doen toenemen, of misschien meer wenselijk, te doen afnemen. Maar hoe
pak je dat aan?
Gemakkelijk is dat
niet! Om rechtstreeks het denken van mensen te beïnvloeden hebben we maar twee
instellingen, dat zijn scholen en de media. De media zouden heel veel kunnen
doen, maar het is heel moeilijk om de media iets te doen doen. De scholen doen
hun best en hebben een kleine impact, dat werkt wel wat ze doen. Natuurlijk,
aan de andere kant is het zo dat men zou zeggen: als we minder kwetsbare mensen
hebben in een samenleving, dan zullen we ook minder etnocentrisme hebben. Maar
er zijn een aantal oorzaken van kwetsbaarheid waar we moeilijk langs kunnen,
hé: ouder worden, ziek zijn, dat zijn ook allemaal oorzaken van kwetsbaarheid.
Dat kan niet gemakkelijk worden weggenomen. Dus de oorzaken, de diepere gronden
van dat etnocentrisme, zijn niet zo gemakkelijk weg te nemen. Ik denk ook wel:
hadden we in onze samenleving openlijker gecommuniceerd over die problematiek,
ze niet zolang genegeerd eigenlijk, dan was het misschien ook al beter geweest.
Ik denk: men kan er wel mee omgaan, maar het gemakkelijk oplossen zit er niet
in volgens mij. Een crisis zoals we die nu doormaken is iets waar we gewoon
door moeten.
Jouw onderzoek ging over etnocentrisme bij
ons, bij de autochtonen. Maar kun je ook iets zeggen over het etnocentrisme bij
vreemden?
Daar is verbazend
weinig onderzoek over in dit land. Dat is heel spijtig, want op dat vlak is het
boek eenzijdig. Het gaat dus over het etnocentrisme van de autochtonen, niet
van dat van de allochtonen. En mijn vermoeden is dat dat etnocentrisme bij de
allochtonen niet minder zal zijn dan bij de autochtonen. Misschien zelfs meer,
als men kijkt naar de sociale omstandigheden waarin zij leven, en ook een
grotere mate van kwetsbaarheid in vele gevallen.
Als we nu de bevindingen van jouw onderzoek
plaatsen in het actuele debat, en met name in de tegenstelling tussen
multiculturalisme enerzijds, het verlichtingsdenken of het nieuwe verlichtingsdenken
aan de andere kant, wie heeft dan volgens jou de beste papieren?
Dat is een
moeilijke vraag! Sociologisch zou ik zeggen de mensen die niet het
multiculturalisme aanhangen, maar toch wel een mate van cultureel relativisme.
Ik denk dat dat sociologisch een veel plausibeler stelling is. Ik denk dat het
verlichtingsdenken zichzelf verkeerd definieert als het zegt dat dat een
natuurlijke, universele manier van denken is. Dat is het niet. Dat is een in
een bepaald cultuurgebied heel specifiek gegroeide traditie waaraan ik
persoonlijk zeer verknocht ben, maar die zich moet verdedigen op basis van haar
sterkte en haar aantrekkingskracht, niet op basis van de claim dat het op een
of andere manier universeel en natuurlijk zou zijn. Het multiculturalisme, als
we die term gebruiken, moeten we zien wat we daaronder verstaan. Er is een
verschil tussen het aanvaarden van diversiteit, wat in een cultureel
relativisme zit. Als men onder multiculturalisme verstaat dat men binnen een
nationaal kader, binnen een wetgeving, wat variaties kan hebben in
klederdracht, gewoontes en identiteitsgevoelens, dan is dat in orde. Verstaat
men daaronder dat men binnen eenzelfde samenleving, binnen eenzelfde wettelijk
kader van de wet kan afwijken in naam van een eigen cultuur, dan moeten we
zeggen: neen, dat gaat niet.
Tot zover nog
“I feel alive in the
city”. Muziek van Zita Swoon. Die brengt ons bij de
bijdrage van het WF. Dat gaat op 25 april op stap met LVSV, het Liberaal Vlaams
StudentenVerbond. De Blauwe Wandeling is een unieke begeleide wandeling langs
verborgen liberale parels van Gent. Met onder meer een bezoek aan Huis Minard,
de Gentse logetempel. Straks meer over de samenwerking tussen LVSV en het WF
met LVSV-voorzitter Wim Vetters. Maar eerst laten we uw nieuwsgierigheid voor
het Huis Minard prikkelen door Bart D’Hondt van het Liberaal Archief. Hij doet
onderzoek naar de geschiedenis van Gent. Blauw Gent dan. Daarin neemt Huis
Minard een belangrijke plaats in. Louis Minard was een Gentse architect uit de
negentiende eeuw die zich vooral liet inspireren door de neogotiek. Bart
D’Hondt vertelt er meer over.
Een van zijn
projecten daaromtrent was zijn eigen woning op de Huidevettershoek, waar hij
eigenlijk een neogotisch gebouw wou neerzetten als eigen woning. Maar die
bouwvergunning werd verworpen door de stad, waardoor je nu een zeer effen,
nietszeggende gevel hebt waarachter een neogotisch paradijsje verborgen zit. In
die zin dat het volledige huis, zijn woning die daar staat, ingericht is als
een bijna gotische, neogotische kapel: grote wenteltrap, alle mogelijke
kantwerk dat zo traditioneel is voor de gotiek, zeker voor de hooggotiek. Dat
is gebouwd rond 1838-1845. Dat is de bouwperiode van dat gebouw, van zijn
woning. Dat stuk grond waarop hij zijn woning gebouwd heeft, is verder opgevuld
in de daaropvolgende jaren met eerst en vooral de Minardschouwburg, die hij
zelf op eigen kosten als privé-uitbater gebouwd heeft aan de achterkant van
zijn tuin, en die nu aan de Walpoortstraat ligt. En waar eigenlijk een
Nederlandstalig, Vlaams toneel zijn eerste, laten we zeggen, basis gehad heeft
in Gent.
De man was niet
alleen een architect. Het was ook een verzamelaar van kunst. In de loop van
zijn leven heeft hij zo’n vierduizend grote kunstwerken verzameld, voor zover
we weten uit de catalogus. Verschillende hoogwaardigheidsbekleders zijn dat
komen bezoeken. Leopold II onder anderen is twee keer naar Gent gekomen om
Minards collectie te bekijken. Maar na zijn overlijden – enfin, de man is
kinderloos gestorven – was er uiteraard een probleem met waar al die waardevolle
zaken naartoe zouden gaan. Gelukkig heeft de stad Gent vrij snel beslist toen
om een groot deel van zijn kunstcollectie over te kopen. En dat zijn dan
uiteindelijk duizend stuks van de basiscollectie geworden van het
Bijlokemuseum.
Dat huis zelf is,
nadat zijn weduwe overleden is, in handen gekomen van een liberale
krantenuitgever, van de Journal de Gand, een zekere Boterdaele. Die
uiteindelijk het stuk grond dat nog lag tussen de woning en de Minardschouwburg
aan de Walpoortstraat verkocht heeft aan de vrijmetselaarsloge La Liberté. Die
eigenlijk dus binnen in het woonblok, of binnen in dat nog vrij liggende stuk
grond, zijn tempel heeft gebouwd. Dat is gebeurd in 1902 en de daaropvolgende
jaren. Met als architect Ferdinand Dierkens, de man die ook onder andere de
Vooruit heeft gebouwd en een bekend architect met socialistische, laten we
zeggen, voorkeuren was. Dat gebouw is nog steeds in handen van La Liberté. Dus
eigenlijk van een meer recente loge die afgescheurd is van de Septentrion in
Gent. En is vrij recentelijk in de jaren 1990 eigenlijk nog volledig
gerestaureerd. Die loge heeft momenteel dus het huis Minard zelf en de
bijgebouwde tempel in gebruik.
Bart D’Hondt over de Gentse logetempel Huis
Minard. Een unieke kans voor een bezoek tijdens de Blauwe Wandeling van het WF
en het LVSV. En over het LVSV en de samenwerking met het WF hadden we een
gesprek met LVSV-voorzitter Wim Vetters. Het LVSV werd opgericht in 1930 en is
een liberale studentenvereniging. Wim Vetters:
Wij houden ons
eerder dan de partijpolitiek van alledag bezig met het bijbrengen van een
ideologisch onderbouwd liberalisme aan de Gentse studenten. Daarbij staan wij
ook volledig los van elke partij. Partijonafhankelijkheid is een belangrijk
deel van onze werking. Wij nodigen sprekers uit, houden lezingen – voor
academici, politici, ja, een zo breed mogelijk spectrum mensen uit alle
strekkingen van de maatschappij die we uitnodigen om ons wat bij te brengen.
Dat gaat dan zowel over ethisch liberalisme als de economische kwesties. Daarna
houden we ook nog interne discussies waarbij gewoon het interne debat zeer
belangrijk is en waar we elkaar een beetje wijzer proberen te brengen. Vooral dan
de werken van de grote liberale denkers. Dan denk ik aan een Popper, Hayek,
Milton Friedman, en dergelijken meer. En ja, waarvoor we hier in Gent vooral
bekend zijn bij de studentengemeenschap, dat zijn de grote debatten. Waar we
ons werkingsjaar steeds mee openen.
LVSV is misschien bij een aantal mensen
beter bekend door enkele notoire leden die er toch ooit zijn geweest. Kun je ze
eens eventjes in herinnering brengen?
Ja, we hebben een
hele reeks notoire leden, maar diegenen die, denk ik, bij het grote publiek
bekend zullen zijn, zijn onder anderen Willy De Clercq, Gentenaar in hart en
nieren, en veel jaren later zijn kleinzoon, Mathias De Clercq. Die ook sterk
actief is geweest in onze vereniging, ook voorzitter geweest, net als Willy.
Ook Guy Verhofstadt is in Gent voorzitter geweest. En in andere afdelingen,
bijvoorbeeld Karel De Gucht is in Brussel, denk ik, voorzitter geweest, en
achteraf nationaal voorzitter. Zelfs Bart De Wever is LVSV’er geweest.
Dus een zeer sterke traditie, historische
traditie. En de Blauwe Wandeling is uiteindelijk ook bedoeld om die traditie
een beetje in de verf te zetten, hé? Die traditie, misschien dat er ook een
verband is met het WF? Toch eens eventjes vertellen: waarom samen met het WF?
Wel, we hebben in
het begin van het jaar contact opgenomen met het WF om te kijken of er niets
mogelijk was qua samenwerking. Omdat we toch wel gemerkt hebben dat die banden
tussen onze verenigingen, die ooit zeer innig waren, volledig verloren zijn
gegaan. Wat het ongewenste effect heeft gehad dat voor velen van onze studenten
het WF een zeer vaag begrip geworden is. Het is zeker niet de bedoeling dat
LVSV’ers na het afstuderen gewoon volledig doorstromen naar het WF. Maar het
kan toch zeker geen kwaad dat wij elkaar opnieuw een beetje op de kaart zetten,
elkaar beter leren kennen en elkaar weer beter appreciëren. Want er gaat zeer
veel kennis verloren door die grote generatiekloof waar geen contact meer is…
Maar waarom precies een Blauwe Wandeling
door Gent?
Vanuit de
geschiedenis van onze twee identiteiten, van onze twee verenigingen, wilden we
wel dat liberale opnieuw in de verf zetten, in plaats van een puur historische,
toeristische wandeling door Gent. En ja, daar merken we toch ook wel – zeker
bij onszelf, want we hebben zelf enorm veel bijgeleerd bij de voorbereiding
ervan – dat Gent vaak op de kaart wordt gezet als een socialistische, een rode
stad, terwijl historisch gezien het liberalisme hier eigenlijk steeds heeft
gezegevierd. Zo is op een gegeven moment Gent bijna honderd jaar lang bestuurd
geweest door liberale burgemeesters. Wat natuurlijk tot gevolg heeft gehad dat
er enkele verborgen liberale pareltjes in Gent liggen. Ja, dan zal ik al
terugverwijzen naar die Minardschouwburg, prachtige liberale architectuur
binnen Gent. Maar ook zeer belangrijke figuren voor die blauwe beweging die
hier in Gent geleefd en gestreden hebben. Dan denk ik bijvoorbeeld aan grote
rechtsdenker François Laurent, die in zijn tijd ook in heel Europa
gerespecteerd was als een autoriteit. Die streed voor gelijkberechtiging, toen
al, voor mannen en vrouwen. Wat zeer discutabel was toen. Aan zijn naam is het
Laurentinstituut, de school hier in Gent, gewijd. Want hij heeft vooral zeer
sterk gestreden voor een opvoeding, een educatie voor het proletariaat hier in
Gent. Met stedelijk onderwijs.
Een van de liberale pareltjes, of misschien
net niet, is dat Minardhuis. Een beetje intrigerend omdat het met de
vrijmetselarij te maken heeft. Waarom staat het eigenlijk ook op het programma?
Is er ook een link met het liberalisme en met het gedachtegoed van LVSV?
Goh, is er een
directe link? Zeker niet. Maar het is wel zeker voor ons ook iets intrigerends.
Ook omdat we weten dat we hier in Gent… En ja, overal in het land zijn die
loges dan antiklerikaal opgericht. Daar zit dan weer wel die strijd. Maar als
je de loges historisch wilt kaderen, denk ik dat je dat dan eerder moet zien in
de verzuiling die we vandaag veel minder hebben dan echt als doorstreven vanuit
dat liberalisme. Maar ja, de link is er dan weer wel, dat dat geloof dat
vroeger werd opgelegd en waar men niet omheen kan, dat dat – en dan zeker in
Gent – een zeer machtig instituut was voor vrijdenkers om zich te kunnen
ontwikkelen. Wat nog steeds, denk ik, het grote doel, of toch het voornaamste
doel is van de loges, is zelfontplooiing, eerder dan het societygebeuren dat er
ook wel bij zit.
Wim Vetters
van het LVSV over hun Blauwe Wandeling samen met het WF. Een unieke kans om het
blauwe erfgoed van Gent te bezoeken. En daar kunt u op 25 april nog bij zijn.
Inschrijven kan via
Dit e-mail adres is beschermd door spambots, je hebt Javascript nodig om dit onderdeel te kunnen bekijken
. Daar krijgt u uiteraard ook meer info over
LVSV. Maar u kunt ook terecht bij het WF zelf. Dat vindt u aan de Vrijdagmarkt 24-25 in Gent. Telefoneren kan er op
09 224 10 75. En uiteraard is er ook de website: www.willemsfonds.be.
Zo, dit HVW zit erop.
Uw reacties kunt u kwijt
op onze redactie. Die vindt u aan de Lange Leemstraat 57 in 2018 Antwerpen.
Telefoneren kan er op het nummer 03 233 70 32. En de website
vindt u via www.h-vv.be.
Doorklikken als u deze uitzending nog eens wilt beluisteren.
Wij gaan eruit met
livemuziek van Eels. Maar volgende week zijn we er weer. FS heeft het dan over
Lewis Carroll. En met Jean Paul Van Bendegem praten we over “Hamlet en entropie”.
Volgende week maandag, meteen na de nieuwsflash van 20.00 uur op
Radio 1. Graag tot dan. Daaaaag.
|