| Bevroren Beeld - VF |
|
HVW 09.11.09 Bevroren Beeld / VF
Opname: 05.11.09
Uitz.: 09.11.09
Samenst.: KVD / VW
Muziek:
10” Signe E.
Clapton E. Clapton 9 45024-2
20” Tarantelle J.K. Mertz R. Smits ACC 23158
20” Endgame REM REM 7599-26496-2
30” Bride of Theme from Blinking Lights Eels Eels 0060109104322
Goedenavond en welkom bij HVW.
Sinds oktober 2007 werkt Dr. Marc Cosyns
samen met documentairemaker Julien Vandevelde aan “De kunst van het loslaten”,
over ‘bejaard zijn’ en ‘sterven’. En dat leverde “Bevroren beeld” op, een
tentoonstelling en een boek. HVV West-Limburg haalde de tentoonstelling naar
het CC van Leopoldsburg. Wij hadden er een gesprek over met Marc Cosyns en
Julien Vandevelde. Daarna is er de bijdrage van het VF. Viona Westra praat met
Gerlinda Swillen over haar boek “Koekoekskind”. Maar eerst dit:
Wie zijn wij?
We willen gelijke
kansen, maar toch niet voor iedereen?
We willen
zelfbeschikking… desnoods over lijken?
We eisen
solidariteit… maar er blijken grenzen te zijn…
We zijn de
pluralisten, maar hebben het toch lastig met andere meningen!
We horen graag
alles, maar we luisteren vaak niet.
Is dat een waardige
samenleving?
Spoor mee op 18
november richting Gent, waar het Geuzenhuis en de Vooruit de deuren openzetten…
Gratis… en voor iedereen… voor een waardige samenleving.
Paul Scheffer doet
mee, en Eva Brems, Marleen Temmerman en Mustafa Kör, Peter Sloterdijk… en vele
anderen. En wij, zeker?
En… Wie wint de
Decent Society Award?
Peter Sloterdijk!
Voor een waardige samenleving… Daarin past
allicht ook de foto- en filmtentoonstelling “Bevroren beeld” van Marc Cosyns en
Julien Vandevelde. Met foto’s uit 1972 van een Gents oudemannenhuis en recente
filmbeelden van een rust- en verzorgingstehuis. En muziek van Sandra Lammens. HVV West-Limburg haalde de
tentoonstelling naar het CC van Leopoldsburg. Daar kunt u ze nog zien tot 6
december. Marc Cosyns en Julien Vandevelde publiceerden ook samen een boek met
dezelfde titel. Over de bedoeling en de opzet van dat alles hadden we een
gesprek met hen.
Wat mij fascineerde, was ook van het beeld
dat ik daar ervaarde, dat ik dat soms zo ontroerend, zo mooi, zo schoon vond
dat ik dacht van: ‘Dit moet ook wel een plaats krijgen.’ En dan ben ik
eigenlijk een beetje op zoek gegaan naar iemand die mij wou helpen om dat in
beeld vast te leggen. Ik had Juliens werken ontmoet in het Guislaininstituut
naar aanleiding van een tentoonstelling. En dan heb ik hem dat gevraagd. Hij
heeft daar wel een tijdje over moeten doen, omdat dat toch wel geen evidente
vraag is, denk ik, om zo binnen dat intieme karakter van die laatste levensfase
met een camera te werken, hé.
Probleem is wel hoe je dat zo humaan
mogelijk kunt doen, die beelden maken… En dus is mijn sleutelwoord in documentaire
film maken eigenlijk ‘empathie’. Ik maak geen documentaire tegen iets om iemand
de broek af te doen. Ik maak films om de mens te waarderen in de situatie
waarin hij zit, en ik denk dat alle goede en interessante documentaire films
eigenlijk dat adagio hebben: empathie.
Julien Vandevelde, en daarvoor
Marc Cosyns over “Bevroren beeld” en hun fascinatie voor het ouder worden en
waardig sterven. Daarop rust nog steeds een taboe. Marc Cosyns bepleit ook een
aanpassing van de wet op euthanasie. Die moet volgens hem uit het strafrecht
gehaald worden en een plaats krijgen in het patiëntenrecht.
Sinds 2002 hebben we een wetgeving die toch wel belangrijk is, zowel qua
patiëntenrechten, palliatieve zorg als euthanasie, waarin men mensen,
patiënten, burgers eigenlijk, het recht wil geven om hun eigen gezondheid, maar
ook hun eigen sterven in handen te nemen. En dus ook bespreekbaar te maken.
Maar daar is natuurlijk informatie heel belangrijk vanuit zorgverleners, vanuit
artsen, verpleegkundigen. En we zien dat daar desondanks toch nog altijd te
weinig over gesproken wordt. Zodanig dat men, als men dan toch moet sterven –
want niemand sterft waarschijnlijk graag, tenzij bejaarden – mensen dan ook wel
weten van: kijk, wat zijn de keuzes, en hoe kan ik daarin een keuze maken? Je
maakt geen vrije keuze voor de dood, denk ik, maar je kunt wel kiezen op welke
manier je mogelijk kunt sterven.
Ergens kom ik ook de zin tegen
‘Niets is zo natuurlijk als de dood.’
Wij focussen voornamelijk op de fase van het bejaard-zijn en hoe het
sterven daarin vervat kan zijn en hoe mensen daar ook in een stervensfase
aanvaarden dat het leven een einde heeft. Zoals ook enkele patiënten in de film
zeggen: ‘Het is goed geweest wat ik gehad heb. En al hetgeen nu komt, hoeft
voor mij niet meer.’ Ik zal nooit een jonge mens dat horen zeggen. Ik zal dat
zelf ook nooit zeggen. Wij willen morgen nog wakker kunnen worden. Bejaarden in
een bepaalde fase – ik zal daar geen leeftijd op plakken, want dat is
individueel verschillend – zullen eerder zeggen: ‘Het zou goed zijn dat ik
morgen niet meer wakker zou worden. Het zou bijna mijn mooiste wens zijn, hé.’
Dat is het grote verschil, denk ik, tussen enerzijds de dood, of het sterven
dat bij jongere mensen voorkomt en dat men niet wil, maar dat toch gebeurt,
spijtig genoeg, en anderzijds de mensen bij wie het leven afgerond is en die,
ervaren door al hetgeen ze meegemaakt hebben, op dit moment zoiets hebben van:
‘Kijk, ik zou op deze manier nu wel afscheid willen nemen.’
Eigenlijk hebt u nu een beetje
de nadruk gelegd op: er is toch nog een element van vrijheid in het
stervensproces.
Mensen kunnen aangeven of voor zichzelf beslissen van: ‘Kijk, nu is
eigenlijk voor mij het leven afgerond.’ Dat heb ik daarjuist gezegd. En nu is
er ook een mogelijkheid om dat stervensproces te kiezen. Ik kan stoppen met
mijn behandeling bijvoorbeeld, wat vrij vaak voorkomt. En dan mij laten uitgaan
zoals een kaarsje. Maar ik kan ook heel actief iets laten doen of zelf doen,
namelijk door bijvoorbeeld een siroop te drinken en op een bepaald moment te
sterven. Dat is, denk ik, bijna het summum van autonomie, zou je kunnen zeggen.
Dat is een keuze die men kan maken en die afhankelijk is van de eigen biografie
van mensen. Wat ze zelf hebben meegemaakt in hun leven, op welke manier ze
zijn, ze een keuze willen maken. En ik denk dat het onze plicht is als
zorgverlener om die keuze te ondersteunen. En om te weten te komen bij mensen:
is dat echt wel wat je wilt, hé? Zonder daar zelf een waardeoordeel over te
geven. Dat moeten zij zelf invullen.
In dat verband pleit u
eigenlijk voor een aanpassing van de huidige euthanasiewet. Die voldoet niet
helemaal, zegt u zelf. U wilt die bijvoorbeeld ook op een andere manier een
plaats gaan geven, binnen het patiëntenrecht dan.
Wel, ik denk dat men in 2002 spijtig genoeg niet de moed heeft gehad om
de euthanasie, namelijk het levensbeëindigend handelen – d.w.z. dat mensen
bewust kiezen om op een bepaald moment te kunnen sterven – te vervatten als een
patiëntenrecht. Dat is een groot verschil met… Euthanasie is nu nog altijd
begrepen in een strafwetsituatie, d.w.z. het verwijst nog altijd naar moord.
Als ik mijn euthanasietoepassing van een bepaalde patiënt moet aangeven aan de
commissie, moet ik eigenlijk bewijzen dat ik geen moord gedaan heb, hé. Ik denk
dat dit allesbehalve tegemoetkomt aan de manier waarop we met mensen en sterven
omgaan. Er is geen sprake van moord en strafwet in die zaken. Dus in die mate
denk ik dat het zo belangrijk zou zijn geweest om dat binnen het kader van
patiëntenrechten te brengen, waar de mogelijkheden van sterven en palliatieve
zorg eigenlijk vervat zijn. En waar euthanasie volgens mij een van de
mogelijkheden had kunnen zijn.
Marc Cosyns over euthanasie en waardig
sterven. Daarin vond hij documentairefilmmaker Julien Vandevelde. In het fotoarchief van Vandevelde ontdekte Cosyns
portretten uit 1972 van een ‘oudemannenhuis’ in Gent. Het
artistieke en het archiveren zonder vals
sentiment bij de fotograaf trof hem.
De cineast van
zijn kant zag een arts die dagelijks begin en einde van het leven begeleidt.
Julien Vandevelde over die samenwerking en hoe men kan kijken naar de foto’s:
Veel mensen kijken niet naar fotografie. Dat is spijtig, natuurlijk.
Omdat fotografie snel geconsumeerd wordt. Men is dat gewoon om het zo te doen.
Maar als je daar echt naar kijkt, dan zie je daar allerlei eigenaardigheden in.
Mensen die daar staan… Iemand die zijn onderbroek verkeerd aanheeft, geestige
en triestige dingen. En dat is zo formidabel. Dat is natuurlijk ook het medium.
Marc zorgt voor het programma, zal ik maar zeggen. En ik heb ervoor gezorgd dat
het programma in beeld gebracht kan worden. Marc heeft eigenlijk een beetje de
supervisie gedaan, en voor mij als documentairemaker was het wel interessant
omdat we natuurlijk toegang hadden tot die mensen. Dankzij Marc hadden we
toegang tot al die wegen – niet enkel medische wegen, maar ook tot de verzorgingstehuizen,
patiënten enzovoort. En dat die mensen ook ongelooflijk spontaan hebben
meegewerkt zowel in de film als voor de foto.
Marc had het eigenlijk ook een
beetje over vrijheid en over zelf te kunnen beslissen op welke manier je
waardig oud wilt worden. Eventueel al dan niet stervensbegeleiding wilt hebben.
Is het niet gemakkelijk uit de foto’s een zekere gelatenheid af te leiden?
Om dat terug naar mijn fotografie te brengen. In 70 waren we copains.
Die oude mannen en ik, wij waren copains. Omdat die mensen een sigaretje
rookten, biljartten, kaartten en weet ik wat nog. Er waren chronische zieken,
maar zelfs chronische zieken… Nu, als je nu in een RVT komt, kun je absoluut
geen copain zijn van die mensen. Die mensen zijn dement. Weten niet wat ze
zeggen. Die mensen staren voor zich uit. Zitten in – laten we het maar zonder
eufemisme zeggen – een kakstoel. Dus… Ook daardoor was ik getroffen. Ik kon
niet fotograferen zoals 30 jaar geleden. Ik moest ook respect opbrengen voor
die mensen. En ik heb dan geprobeerd… Ja, meer in hoe zij eigenlijk over het
beeld heen kijken. Je hebt daar… Je kunt daar ook als kijker geen contact mee
krijgen. En je voelt dus de tragiek van dat oud worden, natuurlijk. En zeker op
deze manier.
Vandaar ook, moet ik zeggen,
de gelatenheid van die mensen. Is die gelatenheid dan vandaag anders als
bijvoorbeeld in 1972?
Ik heb geprobeerd om zeer functioneel in film en fotografie deze
toestand aan te brengen, en door het fotoarchief dat ik had, kunnen we ook een
beetje een vergelijking doen. Zijn wij verbeterd? Is het verbeterd? Is het
verslechterd? Eigenlijk is het voor mij een soort status-quo. Het enige
probleem is – zoals Marc daarnet ook gezegd heeft en zoals mensen het in de
film zeggen – dat je op een bepaald moment in je leven kunt komen en dat je
daar zeer lucide in kunt zijn en dat je zegt: ‘Ik heb morgen geen toekomst
meer. En als ik wakker word, weet ik niet wat ik moet doen. Mijn mens-zijn is
gedaan.’ En ik was daar erg van geschrokken de eerste keer dat ik met Marc bij
die mensen ging, en dat zij nog zo… dat ik ook zei: ‘Maar mevrouw toch, ge
zijt, ge zijt zo lucide, zo alert enz. En u wilt morgen doodgaan?’ En dan heb
ik ook gezien, ja, maar je moet het ook toegeven. Die mevrouw was ten einde
raad.
De tentoonstelling en het boek
willen taboedoorbrekend werken. Mensen die dan komen kijken naar de
tentoonstelling, die het boek lezen… op welke manier kijken die naar die
foto’s? En is dat wel taboedoorbrekend?
In de tentoonstelling in het Gentse Caermersklooster lag er een boek aan
de uitgang. En ik heb daarin gelezen. Ik heb nog nooit zoveel reacties weten
opschrijven na zo’n tentoonstelling. Dus van mensen die waarschijnlijk wel al
oud waren, en die toch in ieder geval geleerd, die misschien niet klaar zijn
of… Taboe, ja, maar ik denk dat… Ja, het is een boutade, men kent het... Maar
ik denk dat we wel een steen verlegd hebben door dit werk te maken.
Julien
Vandevelde en Marc Cosyns over “Bevroren beeld”. Die tentoonstelling loopt nog
tot 6 december in het CC van Leopoldsburg. En toch ook meegeven dat u met uw
vragen over een waardig levenseinde onder meer terechtkunt bij de CMD’s. De
lijst daarvan vindt u op www.unievrijzinnigeverenigingen.be. En “Bevroren beeld” van Marc Cosyns en Julien
Vandevelde werd uitgegeven bij Uitgeverij Vrijdag. Zo meteen de bijdrage van
het VF en Viona Westra in gesprek met Gerlinda Swillen, maar eerst muziek. En
dat doen we met Eels.
VF
Dank je wel, Viona.
Toch nog even zeggen dat het boek “Koekoekskind” van Gerlinda Swillen
uitgegeven is bij Meulenhoff/Manteau. Daarmee zijn wij zijn aan het einde van
HVW gekomen. Uw vragen en bedenkingen kunt u kwijt op onze redactie: HVW, Lange
Leemstraat 57, 2018 Antwerpen. Telefoneren kan er op het nummer
03 233 70 32. En de website van de HVV vindt u onder h-vv.be.
Zo, wij gaan eruit met
muziek van REM op de achtergrond, maar volgende week zijn we er weer. FS heeft
het dan met Hubert Dethier over Petrarca. En Viona Westra vertelt u alles over
het project ‘de Waardige samenleving’. Volgende week maandagavond dus, meteen
na de nieuwsflash van 20.00 uur op Radio 1. Graag tot dan. Daaaaag. |