Home arrow Nieuws arrow 12 februari: Darwin Day
12 februari: Darwin Day

12 februari is de International Darwin Day. HVV laat deze gelegenheid niet zomaar voorbij gaan en presenteert u, ter ere van Darwin, de vijf grootste misvattingen die er over zijn evolutietheorie bestaan. 

Charles Darwin in 1869  portret door Julia Margaret Cameron1. De evolutietheorie is helemaal niet bewezen en kan evengoed onwaar zijn.

Je hoort mensen soms zeggen dat de evolutietheorie uiteindelijk ook maar een theorie is en dat die theorie best wel eens verkeerd zou kunnen zijn, omdat de wetenschap zich al dikwijls vergist heeft. Wie zoiets beweert, scheert in feite alle theorieën over een kam, alsof alle theorieën even waarschijnlijk of onwaarschijnlijk zijn zolang ze niet bewezen zijn. Welnu, twijfel en scepticisme zijn inderdaad gezonde instellingen, zeker voor wetenschappers. Maar aan de evolutietheorie valt niet veel te twijfelen. De theorie staat als een huis, en dat komt onder andere omdat ze bijna logisch is. Als je rekening houdt met een paar onbetwijfelbare biologische gegevens, dan kun je bij wijze van spreken vanuit je zetel al op de belangrijkste evolutietheoretische inzichten komen. En mensen als Thomas Malthus kwamen een aantal decennia voor Darwin inderdaad al tot dergelijke inzichten. De redenering is immers eenvoudig. Als je weet dat planten en dieren allemaal voor meerdere nakomelingen kunnen zorgen (haringen bijvoorbeeld kunnen tijdens het paarseizoen zo’n 50.000 eieren leggen), en als je tegelijk ziet dat het land en de zeeën niet overwoekerd worden door bepaalde planten of dieren (reken maar eens uit hoeveel haringen er zouden zijn na 100 paarseizoenen, als alle nakomelingen opnieuw evenveel nakomelingen zouden krijgen), dan moet je concluderen dat daar iets verantwoordelijk voor moet zijn: de struggle for life. En de organismen die deze struggle zullen overleven, zullen altijd degene zijn die het best aan de concurrentiestrijd zijn aangepast, dat is evident. Dit laatste wordt uitgedrukt in de bekende frase survival of the fittest, waarover dadelijk meer.
De evolutietheorie is dus niet zomaar een uit de lucht gegrepen hypothese, maar steunt op een onweerlegbare logica en empirische vaststellingen waar men niet omheen kan.

2. Survival of the fittest betekent dat enkel de sterkste overleeft.

Dit is misschien wel de meest hardnekkige misvatting omtrent de evolutietheorie. Men vat evolutie dan op als een soort proces dat ervoor zorgt dat organismen altijd maar beter en beter worden, een beetje zoals je zelf, door training en ervaring, beter in iets kunt worden. Zo zit het echter niet in elkaar. De evolutie is geen proces dat gericht is op verbetering of verslechtering. Het is helemaal nergens op gericht! Fit betekent hier ook niet ‘sterk’, maar eerder ‘het beste aangepast aan de omgeving om te kunnen overleven’. Zo bekeken is survival of the fittest tautologisch, want in feite wordt niets anders beweerd dan dat degene die het beste in staat is om te overleven, overleeft. En dat een bepaald organisme beter aan zijn omgeving is aangepast dan zijn soortgenoten, hoeft helemaal niets te maken te hebben met het feit of het dier al dan niet sterker of ‘fitter’ is, maar kan het gevolg zijn van een miniem verschil in uiterlijke kenmerken. Als er bijvoorbeeld een nakomeling geboren wordt binnen een plantenetende soort, en als die nakomeling ‘toevallig’ (onbedoeld) een iets langere nek heeft, dan zal die nakomeling iets meer kans hebben om te overleven omdat hij iets beter bij de bladeren van de boom kan. Voeg hier erfelijkheid aan toe, laat een paar 100.000 jaar sudderen, en voilà: de giraf.

3. De mens stamt af van de aap.

Dat is waarschijnlijk het eerste antwoord dat iemand op straat je zal geven wanneer je hem vraagt wat Darwin ons geleerd heeft. En dat was in Darwins eigen tijd niet anders. Denk maar aan de bekende spotprenten waarop hij als aap wordt afgebeeld. Maar net zoals toen hebben veel mensen de betekenis van de evolutietheorie voor de mens nog steeds niet goed begrepen. Wat dat betreft is er weinig evolutie geweest…
De idee dat mensen van een bonobo of een chimpansee afstammen is zeker niet correct. Het is wel juist om te beweren dat mensen en apen een gemeenschappelijke voorouder hebben. Maar volgens de evolutietheorie hebben alle levende wezens uiteindelijk een gemeenschappelijke voorouder. Het enige verschil is dat onze aapachtige gemeenschappelijke voorouder minder lang geleden leefde dan bijvoorbeeld onze eencellige voorouders, waardoor we meer met apen gemeenschappelijk hebben dan met bijvoorbeeld amoeben.


4. Overleven is de regel, uitsterven de uitzondering.

Niet dus. Wetenschappers schatten dat de soorten die vandaag de dag onze planeet bevolken, amper 1% uitmaken van alle soorten die ooit bestaan hebben. Anders gezegd: 99% van de soorten heeft het niet gehaald. Het idee dat het uitsterven van soorten een uitzonderlijke gebeurtenis is, blijkt totaal niet te kloppen met de realiteit. Er sterven voortdurend soorten uit. We zien het alleen niet gebeuren. De meeste mensen komen maar in contact met de realiteit van het uitsterven van soorten wanneer het gaat om dieren waar ze een bepaalde affectieve band mee hebben, bijvoorbeeld panda’s of tijgers. Maar dan vergeet men dat panda’s en tijgers maar twee soorten zijn van de naar schatting 5 miljoen soorten die het tot op heden hebben uitgezongen. En die 5 miljoen is dus maar 1% van het totaal aantal soorten dat de aarde ooit bevolkt heeft. Als je dan nog eens voor ogen houdt dat veruit de meeste soorten miljarden individuele exemplaren hebben (de mens bijvoorbeeld), dan krijg je toch een iets correcter beeld van de stand van zaken van het leven op aarde.
Naast het feit dat de meeste mensen niet op de hoogte zijn van deze cijfers, kan dit misverstand nog op een andere manier verklaard worden. Het is voor veel mensen moeilijk te aanvaarden dat de natuur, die toch als iets goeds wordt beschouwd, eerder kan vergeleken worden met een geblinddoekte beul dan met een zorgzame moeder. In dit verband zou je kunnen zeggen dat de evolutie veel wegheeft van een afvalrace waarin enkel diegenen die het best aan de wedstrijdcondities zijn aangepast, overeind blijven. Er is echter één enorm belangrijk verschil: bij een race is er een finish, bij de natuurlijke evolutie niet.

5. “Het kan toch niet allemaal toeval zijn?!”

Het idee dat de evolutietheorie onwaar zou zijn omdat deze theorie impliceert dat dan alles toevallig zou zijn, is een misvatting die vaak terugkomt in creationistische kringen. Het misverstand gaat terug op een verkeerde interpretatie van het begrip toeval. Men begrijpt hier de term toeval als het tegendeel van ‘bedoeling’. In feite zou men deze foutieve oppositie kunnen koppelen aan een verwarring tussen ‘reden’ en ‘oorzaak’. Wat bedoelen we hiermee? Wel, eenvoudig het volgende: wanneer mensen uitroepen dat het toch allemaal geen toeval kan zijn, dan willen zij hiermee in de eerste plaats uitdrukken dat ze het niet kunnen geloven dat alles in de natuur zonder bedoeling is, dat wil zeggen: zonder reden. Maar dat betekent nog niet dat het allemaal toevallig is! Neem bijvoorbeeld de appel die van de boom valt. De appel had niet de bedoeling om zich te laten vallen (hoewel sommigen zullen zeggen van wel, vooral kinderen), maar dat betekent nog niet dat hij daarom toevallig viel. In feite kon hij, vanwege de zwaartekracht en andere oorzaken, niet anders dan vallen. En zo is het ook met de evolutie. Het is niet omdat een bepaald organisme nooit de bedoeling heeft gehad om vinnen en kieuwen te ontwikkelen, dat het bestaan van vissen daarom berust op een toeval. Toeval heeft hier eigenlijk allemaal niets mee te maken, omdat toeval een zuiver subjectief begrip is dat mensen soms gebruiken om een bepaalde gebeurtenis te evalueren. In de natuur wordt echter niets aan het toeval overgelaten. Want net zoals de zwaartekracht ervoor zorgt dat de appel valt, zo zorgen de evolutionaire mechanismen (natuurlijke selectie, genetische variatie, erfelijkheid, …) voor de ontwikkeling van bijvoorbeeld vinnen en kieuwen, weliswaar over een periode van miljoenen jaren.
Anders gezegd: het is niet omdat de evolutionaire mechanismen blind zijn, dat de organismen die volgens deze mechanismen ontstaan ook blind zouden moeten zijn.

Bijdrage van Farid Zahnoun
Cel Educatie

 

Valide CSS!